De eerste week

We waren in shock, we hadden geen idee wat ons was overkomen. Ik besefte heel goed dat mijn baby niet meer leefde, maar ik begreep totaal niet waarom. Nog steeds niet eigenlijk, maar de eerste avond was abnormaal onwerkelijk. Alex lag bij mij, we huilden. De naasten familie was binnen en ze waren ook hevig ontdaan. De artsen kwamen met ons praten. Niemand wist eigenlijk wat er nu fout was gegaan. Het enige wat bekend was werd verteld: er was bloed van Alex in mijn bloed gevonden. Dit zou kunnen komen door een lek in de placenta waardoor zijn bloed langzaam weg vloeide naar mij toe. Baby’s zijn niet in staat om dit zelf aan te vullen. Hoe dat lek is ontstaan, is niet bekend, zeldzaam is het wel. De bloedarmoede werd hem fataal als zijn hart niet genoeg kon rondpompen. De artsen waren verslagen, want ‘normaal’ knapt een kindje op na een bloedtransfusie. Alex niet.. Ze waren machteloos. Meteen werd gevraagd of we Alex wilde laten onderzoeken. Obductie heet dat. We wisten het niet, in mijn kindje snijden? No way! Maar ons altijd blijven afvragen hoe dit toch kon… We moesten er over nadenken. Ik kon mijn benen nog steeds niet bewegen, dit alles voelde zo onnatuurlijk en frustrerend. Een verpleegkundige nam Alex mee om hem iets aan te doen. En ook werd ik gewassen. Even later kwam hij terug en ik liet iedereen hem vasthouden. Iedereen huilde, het was ondragelijk. Van arm naar arm en ik maakte foto’s. Uiteindelijk waren we nog met z’n drieën.  Michel mocht bij mij op de kamer blijven slapen. Alex lag voorlopig tussen onze bedden in, in een wiegje. Zo n zelfde wiegje als waarin onze oudste zoon had gelegen, slapend, ademend.. Maar dit kindje deed niks. Hij ademde niet… Het leek alsof hij sliep en elk moment kon gaan bewegen, ademen of geluidjes maken. Hij deed het niet. Al snel kwamen ze vragen wat we voor de nacht wilden, bij ons houden of naar het mortuarium? Ik was uitgeput, lichamelijk en geestelijk, dit was een nare droom, ik wilde ons dode kindje niet bij ons op de kamer. ‘Breng hm maar naar beneden, daar blijft hij langer goed’ wetende dat we nog een lange week moesten en een crematie moesten regelen. Hoe kon ons leven deze wending hebben gekregen?

Ik sliep niet, at niet en kreeg medicijnen. Langzaam kreeg ik het gevoel in mijn benen terug. Michel viel in een diepe slaap. 

De volgende dag wist ik het nog steeds niet. Ik wilde mijn zoon snel zien en ik wilde hier weg. S nachts had ik een baby horen huilen in de kamer naast me, waarom huilde onze niet? De verpleegkundigen waren enorm lief, boden van alles aan, kwamen met boekjes en folders en luisterden naar ons. Ook brachten ze Alex weer snel naar ons terug. Hij was koud en z’n lipjes en nageltjes al een beetje blauw/zwart. Hoe kon dit toch?! 

We hadden onze vrienden op de hoogte gebracht en die dag kregen we een hoop bezoek. Vriendinnen, mijn oudste zus met haar twee dochters, een kennis die het werk van www.sterrenkindje.nl doet, de voorganger van het Apostolisch genootschap (waar ik lid van ben) en weer familie en nog wat vrienden. Ook kwam er iemand van ‘Make a Memory’ mooie foto’s maken. En de verloskundige waar ik ook nog liep kwam langs. Nog steeds wist ik niet goed wat er allemaal gebeurde, we werden geleefd. Ik kreeg van mijn ouders het nummer van een begrafenisondernemer, toevallig ook een kennis van ons. Er moest zoveel gebeuren!

De dag vloog voorbij. Ik mocht ook plassen en douchen, zodra ik alles zelfstandig kon, mocht ik naar huis. En ik wilde zo graag naar huis. Ik had veel pijn van de wond, maar dat was wel mijn laatste zorg. Ze vonden me niet kinderachtig, ik at zelfs weer een beetje.

Die avond wilde ik alleen zijn. Ik vond dat Michel naar onze andere zoon moest gaan en thuis tot rust moest komen. Ik redde me wel. We hadden uiteindelijk besloten dat Alex voor onderzoek naar het lumc moest gaan in Leiden. Terwijl Michel even bij zijn ouders ging eten, kwamen mijn ouders nog even langs. Toen Michel weer terug kwam namen we afscheid van Alex, dat was de laatste keer dat ik hem vast had. Michel ging naar huis en ik ging slapen, ik kon niet meer. Ik sliep redelijk, ik zweette veel, hoorde weer baby’s en had een nachtelijk gesprek met een van de verpleegkundige. Ik was al vroeg wakker, en was zo verdrietig en verloren. Ik schreef toen het gedichtje voor op de rouwkaart:

Diep in ons blije hart geraakt

Een wonder, uit liefde samen gemaakt

Mooi, klein en haartjes van dons

Welkom stoere jongen, jij hoort bij ons!

Diep in ons trotse hart geraakt

Een paar uurtjes over jou gewaakt

Helaas veel te vroeg jouw laatste zucht

Jij bent nu ons sterretje in de lucht!

Het eerste deel had ik al als aankondiging op het geboorte kaartje, het tweede deel maakte het af. Ook zag ik een speciaal kaartje op internet wat ik precies zocht, dit was me als geboortekaartje nog niet gelukt en nu als rouwkaartje wel. Hoe vreemd?

Uiteindelijk kon ik niet meer en belde mijn zus, ze kwam er gelijk aan en was er voor me. Later kwamen Michel en Demian ook. Uiteindelijk mocht ik die ochtend naar huis. Demian was opgehaald en wij gingen met lege handen naar huis. Vreselijk vond ik het en huilde alleen maar. Dit was zo anders dan de eerste keer toen we met maxicosi op schoot weg gingen. Hartverscheurend! 

Thuis gekomen, voelde we ons zo leeg, zo leeg. Die rot kerstboom die er stond wilde ik wel omschoppen. Woedend was ik. Waarom? Waarom? Waar was mijn baby?

De kraamzorg was al door het ziekenhuis gebeld, dus die kwam. Een hele lieve, rustige vrouw die er ervaring mee had. Meteen voelde ik de klik! Zelf belden we de begrafenisondernemer en ook die kwam meteen. De eerste dingen werden besproken. We stonden erop dat de crematie nog voor de kerst plaats vond, maar er was nergens meer plek. Het werd de maandag erop, nog 7 dagen vanaf toen. Snel moesten we met de kaarten aan de slag. 

Die avond kwamen allebei onze ouders nog, met boodschappen en extra medicijnen en mijn zussen kookten Macaroni voor ons. Mijn eetlust was er wel, bij Michel niet. Slapen daarin tegen deed Michel wel en ik niet. Ik had pijn, zweette me rot en kon alleen maar huilen. Die eerste nachten maakte ik Michel steeds wakker om te praten. Ook belde ik s ochtends mijn zussen. Alles om maar te praten en die pure leegte te laten verdwijnen….

Die dinsdag kwam de begrafenisondernemer en we ontwierpen het kaartje verder. Op de voorkant stond een olifantje met een sterretje op zijn buik hangend aan een ballon. Bij Demian hadden we in het kamertje een panda thema, bij Alex hadden we olifanten uitgekozen. Dit kaartje was precies wat ik wilde. En we bedachten de rest van de teksten erop. Hij ging er verder mee aan de slag. We hielden het daarna rustig, de verloskundige kwam langs en ik praatte veel met haar en de kraamzorg. Ze luisterden zo goed, praten luchtte op. Verder ging mijn herstel redelijk, de wond was mooi en ik had geen koorts.

S middags werden we gebeld dat we Alex op konden halen in Leiden. We reden er naar toe en waren erg gespannen. Hoe zou hij er nu uitzien? Ik was echt een beetje bang. We mochten naar binnen bij de rouwkamers en daar werden we opgevangen door onze begrafenisondernemer. Hij leidde ons naar een ruimte, waar Alex achter een gordijn in een wiegje lag. Het wiegje hadden we laten maken, speciaal voor hem. Het was nog mooier dan we dachten. Aarzelend keken we erin, maar waren toen enorm opgelucht. Alex zag er nog goed uit. Hij was zelfs weer een beetje roze. Hij was koud, maar rook naar Zwitsal. Het leek weer net alsof hij in zijn slaap z’n adem inhield en ik verwachtte elk moment dat zijn borst weer zou bewegen en hij een ademhaling zou krijgen. Het wiegje was prachtig, het was een mandje bekleed met lichtblauwe en grijs met witte sterren stof. Op het lakentje stond geborduurd: Stoere man, onze zoon, Alex Jaron, nu een ster…

Het was zo mooi, ik was zo opgelucht. Ik durfde hem ook weer aan te raken en hem een kusje te geven. Tranen maakte het lakentje al vies. De begrafenisondernemer regelde nog war formaliteiten en toen konden we naar huis. Ik reed met de begrafenisondernemer mee, achterin met Alex naast me. Ik bleef kijken, met m’n hand om het mandje. Hij startte de auto en een kerstnummer schalde uit de radio. Snel zette hij hm zachter, maar ik moest lachen ‘het lijkt ook wel op Jezus in de kribbe’ en de sfeer werd iets minder zwaar. We kletsten en Michel reed achter ons aan. We gingen naar de nieuwe 24uurs kamers in Zoetermeer bij het crematorium. Daar kreeg Alex een kamertje die we zelf konden inrichten. Michel tilde hm naar binnen en zette hem op het koelplaatje. Het was onwijs mooi. Ze hadden er al een klein beetje een babykamer van gemaakt. Een mooie klamboe en een groot hart aan de muur. We kregen een sleuteltje zodat we er altijd bij konden. De kaarten waren inmiddels op de post en zouden de andere dagen komen bij de mensen.

We gingen weer terug naar huis, oma had op Demian gepast en mijn zus kwam weer koken met haar vriend. Sla, aardappels en een hamburger. Ik smulde! De hamburger en aardappels met jus smaakte zo goed. Ik voelde me gelijk schuldig dat ik ergens zo van genoot. Maar als je al maanden niks lekker vindt, was het echt een bevrijding. Die avond kwamen er twee vrienden langs. We konden even lekker praten, over hoe we ons voelde, maar ook over koetjes en kalfjes. Voor het eerst kon ik toen weer een beetje loslaten. Toen ze weg gingen, keerde het verdriet en de leegte weer twee keer zo hard terug. Die nacht was slapen weer heel erg moeilijk en besloot ik dat het licht aan moest blijven.

Woensdag was rustig, de bloemist kwam bij ons thuis en we kozen een stuk in de vorm van een open hart. De bloemist zou witte bloemen gebruiken: lelies, rozen, orchideeën en margrieten. Hij was duidelijk aangeslagen en luisterde naar ons verhaal. Op de blauwe lint kwam de zelfde tekst als van op het lakentje. 

Demian ging die dag met mijn ouders en zijn twee nichten naar Madurodam. Dat was al afgesproken in verband met de kerstvakantie en nu kwam het ook goed uit. Demian had wat afleiding en een reuze gezellige dag. Wij hadden een beetje rust en gingen aan de slag met de muziek. Dat was loodzwaar, het ene trieste nummer na de ander. Het brak ons helemaal op. De kraamzorg hielp ons ik het huis en praatte met ons als we dat nodig hadden, dat was erg fijn. 

S avonds kookte Michel zelf, krokante kipschnitzels met worteltjes en gebakken aardappels. Oma kwam oppassen, zodat wij naar Alex toe konden. We hadden allemaal spulletjes verzameld, om zijn kamertje daar mooi te maken. We waren heel blij om hem te zien. Hij zag er redelijk uit, maar zijn hoofdje voelde als porselein. Zijn handje en neusje waren wel nog zacht. We zetten overal de spullen neer: een tafeltje met een klein kerstboompje en zijn kerstslofjes, een tafeltje met onze foto’s, het Nijntje lampje en een speelgoedauto, en bij hem in en rondom de wieg de olifantenknuffels, een bal, de kaart, kaarsen, woezel, muziekje, blokken en een gehaakt clowntje van mijn moeder. We praatten nog wat tegen hem en gingen toen weer verdrietig naar huis. Hem daar zo achterlaten voelde vreselijk.

Donderdag kwam de begrafenisondernemer het hele draaiboek doornemen, in grote lijnen hadden we de muziek, we wilden foto’s laten zien, ik had twee gedichtjes in mijn hoofd en tot slot wilden we zelf graag wat zeggen tijdens de crematie. Demian ging die dag naar oma, dus wij konden alles rustig doorspreken. Toen we veel op papier hadden gezet belde mijn vader. We hadden in eerste instantie gevraagd aan iedereen of ze iets wilden zeggen. Alle familie had terughoudend gereageerd, liever niet tenzij we dat echt graag wilden. Mijn vader had zich bedacht, hij had er niet van kunnen slapen, hij wilde toch graag voor ons spreken, voor Alex. Hij had er ook twee nummers bij gekozen en ik was ontroerd. We moesten toen wel weer het een en ander schuiven. Uiteindelijk stond de verloskundige op de stoep en ik had alweer veel te lang opgezeten. Mijn lichaam werkte niet mee, ik genas gelukkig wel goed. Ik moest even plat, maar lang had ik niet. We moesten naar het crematorium om de praktische zaken, zoals opstelling te bespreken. Gelukkig ging dit redelijk snel. Daarna stond ik erop om nog even naar een bepaald winkeltje te gaan, de troostkamer. Eigenlijk kon ik niet meer, maar ik schuifelde stapje voor stapje naar de ingang. Daar werden we opgevangen en vertelde ons verhaal. De vrouw reageerde ‘dan ben jij Martine, ik had je al verwacht, maar nu je hier staat is het nog heftiger dan ik dacht’. Ons verhaal was dus al bekend in ons dorp. Ze hielp ons met onze wens: we zochten iets wat we namens ons en Demian aan Alex mee konden geven in zijn wiegje als we heb zouden cremeren. Het werden drie engeltjes; eentje van ons waar een foto van ons drieën in kon en twee dezelfde  kind engeltjes met een ster in de hand. Een voor Alex van Demian en een voor Demian van Alex. Michel handelde het af en ik ‘kroop’ weer naar de auto. We gingen naar huis waar kerstavond zou beginnen. Er lagen al weken cadeaus onder de kerstboom en we hadden al eerder foute truien aangeschaft. Voor Demian waren we sterk, we zouden er een fijne avond van maken. We aten erwtensoep met allerlei lekkere hapjes en gingen toen de cadeaus uitpakken. Voor Demian wat speelgoed, voor Michel Baileys en een geurtje en voor mij.. Dat kwam pas later. Eerst de kleine in bad en naar bed. Toen ik eindelijk het grote cadeau mocht uitpakken werd ik op het verkeerde been gezet, erin zat namelijk een heel klein doosje. Daarin zat mijn eigen verlovings ring. Michel had er twee extra steentjes in laten zetten, naast de drie steentjes die er al in gezeten hadden op de dag van zijn aanzoek (23 juli 2011). Hij had dit mooie cadeau al geregeld voor al deze ellende ons overkwam, maar ik vond het zo mooi. De vijf diamanten symboliseerde onze liefde, wij twee en onze twee kinderen. En aangezien we toch echt twee zoons hadden vond ik het nog steeds prachtig! Ontzettend emotioneel, maar ik draag ze nu altijd bij me. We deden daarna een poging om de ‘all you need is love-kerstspecial’ te kijken, maar na een kwartier waren we alweer hevig in een gesprek verdwaalt. Tranen…

De volgende ochtend was het eerste kerstdag. Ik moest en zou naar de kerstdienst gaan van het Apostolisch Genootschap (www.apgen.nl). Ik wilde de ‘pleister’ er af trekken, onder de mensen komen en alvast een aantal knuffels ontvangen. Dan werd de crematie naar mijn idee al minder zwaar. De kraamzorg hielp ons s ochtends op weg. Ik had moeite om me aan te kleden in iets netjes, want niets paste of zat bij de wond niet fijn. Het were uiteindelijk een maxi dress. Daar aangekomen werden we opgevangen door mijn zussen en hun mannen. In de zaal stond een speciale tuinstoel voor me klaar. We werden door vele mensen al geknuffeld en getroost, bemoedigende woorden. Het was een vrolijke kerstdienst, het was immers feest. Maar er werd ook aandacht besteedt aan ons verlies. Ik voelde me thuis, dankbaar, als in een warm bad. We konden ook een beetje lachen tijdens de  gekke kerstmusical van de kinderen. Demian vond het prachtig. De muziek kalmeerde me. Op het eind werden de kerstgeschenken voor de kinderen uitgedeeld. Wij mochten als eerst naar voren omdat Alex de jongste was. Het was enorm emotioneel dat we toch nog wat kregen voor onze zoon, hij werd erkent en daar waren we trots op. We zijn toen gauw naar huis gegaan, want ik kon niet meer. Demian kreeg een grote tipi tent en Alex kreeg een knuffelgans en een boekje: zonnekind. Zo ontzettend mooi boekje wat ons heel veel steun gaat geven. Ik naar bed en Demian naar bed. Ik huilde veel, want ik voelde me na de warme ochtend ineens weer zo koud en leeg. De begrafenis ondernemer belde dat Alex hard achteruit ging. Hij adviseerde om hem s nachts in de koeling te leggen. We stemde toe, maar wilden hem eerst nog zien. We spraken met mijn familie in de middag af om bij Alex te gaan kijken. Ze wilden het kamertje zien en nog een keer gedag zeggen. Het was verdrietig. We maakten nog weer mooie foto’s. Hij zag er redelijk uit, maar we snapten wat de begrafenisondernemer bedoeld had. Na afloop van het bezoek belden we hem dat hij uit zijn kamertje mocht. 

Bij mijn ouders aangekomen had ik het niet meer. Ik ging naar mijn oude kamer op zolder en huilde en huilde. Ik snapte het gewoon niet, waar was mijn zoon? Uiteindelijk stond er een vriendin voor de deur, ze had iets voor ons. Ik moest naar beneden en daar kon ik liggen op een grote tuin ligstoel. Mijn vriendin had een mooie kaart geschreven en ze gaf ons een stenen hart. Deze stond voor het kind. Ook had ze een klein stenen hartje als sieraad, die was bedoeld voor Alex. Het was zo mooi en waardevol. Ook van mijn familie kregen we mooie cadeaus van onder de kerstboom. Cadeaus die er al hadden gelegen voor het drama, drank en een dinerbon, maar ook nieuwe cadeaus met een betekenis. Een mooie brief en een zussen plaat, allemaal even waardevol. We huilden wat af met elkaar. Maar konden soms ook lachen. Ik had een grote glimmende bal meegenomen. Alex was er ook bij. We aten lekker, ik de helft op de ligstoel. Het toetje redde ik niet meer en we gingen naar huis. Uitgeput van alle emoties begonnen we de volgende dag aan een nieuwe week….

Advertisements