One word


Deze foto wil ik al een tijdje laten zien. Ik weet niet eens meer of ik gehuild heb, ik was in shock. Ik heb geschreeuwd en geschreeuwd, maar m’n tranen kan ik me niet meer herinneren. Ik weet alleen nog hoe donker de wereld werd toen ik met m’n ziekenhuisbed de kamer in werd gereden. Ik toen al ‘nee, nee, nee’ begon te zeggen. Ik wist dat het over was toen ze me eindelijk bij hem lieten. Eigenlijk wil ik dit niet aan jullie schrijven, maar aan Alex*… Ze lieten me bij je, maar ik kon er niet bij. Je lag daar maar op dat ijskoude tafeltje, levenloos met draadjes op je lichaampje geplakt. Ik zag Papa nergens, ik zag alleen jou en mijn blinde paniek. Iemand drukte op jouw borst, maar gaf het op toen mijn bed naast je stond. Ik schreeuwde ‘geef het niet op’ ‘niet opgeven’ was dat tegen de artsen of tegen jou? Ik was boos, ze mochten niet stoppen, jij mocht niet dood gaan. ‘Dit mag niet’ ik bleef roepen, maar kwamen er ook tranen? Ik weet het niet. Uit alle macht wilde ik je wakker schudden, maar ik kon niet bij je. Mijn benen waren verlamd. Mijn oerkracht kwam los, alles voor jou, en ik gooide mezelf met een kreet op mijn zij en pakte je handje. Ze maakten je los, ik voelde me wanhopig ‘niet opgeven’. Ze legden je op mijn borst, de ontreddering was compleet. Je was weg… De kamer werd wazig, zal ik dan toch hebben gehuild? Papa schopte kwaad tegen iets aan en een andere persoon vloekte, of was dat ook papa? Volgens mij was het een arts….Tegenover zat een moeder met een ziek kind, ze kreeg er alles van mee, later heb ik me daar nog erg rot over gevoeld. Vreselijk dat zij dat heeft moeten zien. Ik was verdoofd, het was mijn film, haar werkelijkheid. Een paar dagen geleden zag ik dat zij ook contact met me heeft opgenomen destijds via FB. Hoe zal het met haar gaan, zal ze er slapeloze nachten van hebben?

Maar het is mijn werkelijkheid. Wat nooit werkelijk wordt. Ik besefte het toen niet, en dat doe ik nu nog steeds niet. Mijn baby is er niet, mijn baby is echt gestorven, voor onze ogen. Maar die ogen zien flarden, die ogen zijn wazig en met vlagen scherp. Scherp zag ik hoe iedereen afscheid kwam nemen in de kamer waar ik daarna werd gebracht. Scherp zie ik hoe ik werd gewassen, maar voelen hoe de washand mijn huid raakte kan ik niet meer. Scherp zie ik het blauw-groene pakje wat ze hem aan hebben getrokken, maar dat hij weg is geweest weet ik niet meer (godzijdank was mijn zus daar bij). Scherp zie ik de drang om foto’s te maken, dit traumatische moment vast te leggen, maar als ik de foto’s zie voel ik me stoïcijns. Ik voel niks. Is dat mijn baby? Is hij daar dood? Heb ik hem daar net verloren? Waarom maakte ik daar een selfie van? Waarom is het emotieloos? Of spreekt deze foto alle woorden, die ik toen niet zeggen kon? ‘Alex mijn tweede zoon, wat ben je mooi, wat ben je van mij, wat ben ik trots, wat ben je gaaf. Ik ben weer moeder geworden, ik hou van jou. Je bent er niet, maar ik zal je altijd koesteren…’ Woorden die ik nooit gezegd heb, maar dit moment voor altijd gemaakt heb… In shock, dat was ik de avond dat jij stierf. De kamer vulde zich met verdriet, maar mijn hart was vol van liefde. Dit kon toch niet waar zijn? Dit was een droom. Geen enkel woord of daad kon veranderen dat jij niet bij ons mocht blijven….

Anouk – One word:

I close my eyes

And imagine you’re here

Did it all seem so hopeless

Given the chance

I would ask

Forgive me 

I didn’t do a thing to make you stay

I didn’t say a word to make you stay

If I would have known

Could I have tried to make it easier

But I didn’t do a thing

Or say a word

One word

And I don’t know why you’re gone, now you’re gone

No beautiful goodbye

You will never leave my mind

And it turns out to be so much different than our dreams

Now you’re, you’re a star in heaven

My thoughts unsaid

Stuck in my head

And it all feels so useless

Never forget to give all I have

Forgive me

I couldn’t do a thing to make you stay

And I couldn’t say a word to make you stay

If I could have known

Could I have tried to make it easier

But I couldn’t do a thing

Or say a word

One word

And I don’t know why you’re gone, now you’re gone

No beautiful goodbye

You will never leave my mind

And it turns out to be so much different than our dreams

Now you’re, yeah you’re a star in heaven

Still I don’t know why you’re gone, now you’re gone

No beautiful goodbye

You will never leave my mind

And it turns out to be so much different than our dreams

Now you’re, you’re a star in heaven

You’re a star in heaven now

You’re a star in heaven

Yeah you’re my star

Gister waren we op kraamvisite bij een vier weken oude baby. Een pracht van een baby, gelukkig weer een meid. Het was mooi. Ze was zo mooi, ze was zo roze. Toen ik haar vast mocht houden voelde ik weer liefde, tederheid en geluk. Geluk voor de moeder, voor de baby. Wat fijn dat alles goed is, wat fijn dat ze er is. Hoe mooi is het prille leven van een baby in een liefdevol gezin. Maar alsof plots mijn zintuigen gingen werken, alsof plots dit meisje mijn ziel opende. Elke cel in mijn lichaam voelde haar en ik brak. Mijn tranen kon ik niet tegen houden. Ik ben een moeder in hart en nieren. Ik heb nog zo veel liefde te geven……..

Ik mis dat bolletje, die warmte, opgekruld in m’n armen.

Ik mis dat hoopje, die onschuld, waaraan ik me kan verwarmen.

Ik mis de kusjes, de knuffels, de donzige haartjes

Ik mis het groeien en stoeien, ik mis je komende jaartjes

Ik mis je geur, een aai over je hoofdje en een zoen

Nooit zal ik je meer vasthouden, nooit zullen we dit alles doen…

Advertisements

Prioriteiten

“We have to prioritize our world’s children” Deze zin komt uit het interview met Maggie Doyne door Floortje Dessing. Toen Alex* net was overleden keek ik maar weinig tv. Ik kon daar absoluut mijn aandacht niet bij houden, het interesseerde me niet of ik vond dingen te confronterend. Dingen die ik normaal altijd keek vermeed ik. Zo weet ik bijvoorbeeld nog dat we de ‘All you need is love-kerstpecial’ hebben uitgezet en dat ik tranen met tuiten huilde toen we een poging deden om ‘Hawaii fiveO’ (met Alex O’Loughlin) te kijken. De afleveringen van All you need.. die volgden konden me gestolen worden en tot op de dag van vandaag mijd ik de zender TLC vanwege de kans op baby- en geboorte-programma’s. Alles was daarin veranderd, mijn interesses en concentratie en de angst voor confrontaties. Het enige wat ik altijd met hart en ziel kijk (en kon blijven kijken) was ‘3 op reis’ en ‘Floortje naar het eind van de wereld’. Mooie plekjes op aarde en dromen van vluchten en vakantie. Min of meer haalde ik daar een beetje kracht uit. Tot die ene aflevering van Maggie en het project BlinkNow. Het was een geweldige aflevering over een jong meisje dat kinderen adopteerde in Nepal en allemaal goede dingen deed. Gedurende die opnames liep ze met haar geadopteerde baby zoontje Ravi op de arm en zag je de liefde die ze voor hem had ondanks dat het niet haar biologische kind was. Totaal onverwacht en uit het niets kwam de stem van Floortje in de aftiteling als donder bij heldere hemel. Ravi was kort daarna overleden aan een tragisch ongeval. Tranen stroomden als een grote rivier. Hoe kan dat? Hoe kon zo iemand die alleen maar goed doet zoiets over komen? Wat is dit voor onrecht? Ik voelde de pijn en was een tijdje van de kaart. Ik wilde gelijk doneren enzo, want ik trok het me zo aan. Toch zakte het weer weg omdat ik puur in mijn eigen rouwproces bleef steken. Ook de andere organisatie waar ik mee in contact kwam (Rescue Baby Gambia) ging voor mij op een zijstraatje. Het spaarpotje voor WereldWijd voor Kinderen die ik zo graag met Demian wilde knutselen om er geld in te sparen verdween tussen de stapel papier. Ik weet niet wat dat is met mij. Ik raak geroerd, geïnspireerd, maar word vervolgens compleet opgezogen door het leven en door mijn eigen rouw. Er is lange tijd weinig ruimte voor iets anders geweest. Niets van mijn goede voornemens kwamen terecht. Niets van mijn betrokkenheid gaat daadwerkelijk tot actie over. Ik ben zo hard bezig op mijn eigen grasveldje dat ik de andere verwaarloos. En zo raakt men mij langzaam toch een beetje kwijt. Ik weet dat ik er niet zo veel aan kan doen, maar toen kwam er 7 maanden na de uitzending van toen aankondiging van een nieuw interview met Maggie. Ik durfde het niet te kijken, maar ik verlangde er wel naar. Gisteravond kwamen bij mij ook weer de vragen op ‘Waarom wij?’ ‘Hoe kon ons dit gebeuren?’ ‘Wat hebben we fout gedaan?’ In tranen vraag ik het Michel in bed. ‘Het is gewoon gebeurd’ zegt hij nuchter. Daar kan ik het mee doen en het is zo. Constant voel je die oneerlijkheid en onrecht, maar je kan er niets mee. Het is nou eenmaal zo. Vanmorgen besef ik dat ik er niet in mag blijven hangen, maar ik heb ook een uitlaatklep nodig voor m’n verdriet en ik heb nieuwe inspiratie nodig. Ik besluit tegen beter weten in om het interview op internet te bekijken, iets wat ik tot dan toe uitgesteld heb omdat ik weet hoeveel het oprakelt. Bijna het hele interview huilt ze en is ze zwaar geëmotioneerd door het verlies van haar zoon. Ik huil met haar mee, want ik voel haar pijn. Maar ik begin ook haar kracht te voelen. Wat een enorm bijzondere vrouw. Snikkend zit ik het dus te kijken, maar ik trek me er ook aan op. Ze zegt een aantal dingen die me diep in m’n hart raken. “It doesn’t feel right and it doesn’t feel fair.. at all.. and I don’t feel good, but I feel like I can love again en I feel the capacity to have love.” en “Love and beauty are the things that will heal the world, and those are the things that healed me.” Zo is het voor mij ook. We hebben zoveel liefde en warmte ontvangen en ik merk dat er meer licht schijnt, dat ik weer meer er aan toe ben om iets terug te geven, om iets terug te doen (en nu echt). Ik merk het aan dat ik weer meer oog krijg voor de mensen en hun perikelen om me heen. Dat ik dingen weer kan onthouden en daardoor attent kan zijn. Dat ik weer meer mensen wil opzoeken. Mijn aandacht kan verdelen. En ik merk dat ik mijn positieve energie in goede dingen wil omzetten, het helpen van anderen en het steunen van goede doelen. Uiteindelijk weet ik dat dit namelijk bijdraagt aan mijn rouwproces en heling. Want liefde geven en iets voor een ander doen geeft mij vreugde. Ik leer steeds sneller om uit mijn dalen te komen. En zo’n vrouw als Maggie is dan echt een voorbeeld. Wat een powervrouw, wat een ongelooflijke veerkracht en vechters mentaliteit. Ze zegt op een gegeven moment ook dat het een gevecht is voor heel de familie, omdat ze niet wil dat ze haar ook nog eens kwijt raken. Dat wil ik ook niet, ik wil dat Demian een moeder heeft, Michel een vrouw, m’n ouders een dochter, m’n zussen een zus en m’n vriendinnen een vriendin. Ik weet dat ik niet meer helemaal de oude word en dat ik ook nog steeds veel me-time nodig heb en mezelf bovenaan mijn prioriteitenlijstje moet zetten (gaat ook steeds makkelijker zonder schuldgevoel), maar ik weet ook dat ik er van opknap als ik er voor een ander kan zijn en dat prioriteiten wisselend zijn. Die balans is een nieuwe uitvinding en het is nog steeds erg zoeken, maar het gevoel is er weer. Soms ben ik ongelooflijk moe en heb ik de kracht niet meer om te vechten en om alles bij te houden, maar als ik dan juist tijd neem om mijn verdriet te laten gaan kom ik er sterker van terug. Hartverscheurend is het interview om te kijken, maar het inspireert me oneindig en het is super leerzaam. Ze sluit af met ‘doe wat je kan, ook al is het iets kleins, maar start nu, want het is zo hard nodig’ en elke keer als ik wegzak begin ik weer opnieuw, met een stap omhoog. Dan werk ik aan mezelf en mijn waarden. Want ik weet waar mijn prioriteit ligt, in de liefde.. Liefde maakt de wereld net een stukje beter. We slaan ons er door de ellende wat het leven ons geeft mee heen en blijven daarmee op de been. “It’s a miracle that I’m still here”. Na de tragedie van het verliezen van je kind wordt alles anders. En ik gun dat niemand. Het leven van een kind is te waardevol. Dus het geld maak ik straks over, ik moet een afspraak met een vriendin maken over het Gambia-project en de spaarpot zit inmiddels in elkaar. De eerste stapjes heb ik weer gemaakt en we hebben nog tot 20 november om te sparen. Dan is de internationale Dag van De Rechten Van Het Kind 2016, en hebben we de dag ervoor Alex* zijn boom geplant. Het gaat hand in hand; het verdriet om onrecht en Alex* en tegelijkertijd de liefde voor mijn kind en die van anderen… 

Kan de psycholoog hier even naar kijken?

Oke, ik denk dat dit m’n meest kwetsbare blog tot nu toe wordt. Ik twijfel dit keer ook enorm of ik het wel moet plaatsen. Maar de mensen die mij echt kennen, weten wel dat ik hiermee worstel. Ik heb er weer eens een slapeloos nachtje op zitten. Gewoon omdat m’n lijf en geest één grote brij van miljoenen pingpongballen is. Alles schiet alle kanten op en it got me thinking; volgens mij ben ik zo gek als een deur. Of herkennen meer vrouwen dit? Een persoonlijkheidsstoornis.. Ik vroeg me ineens af hoe jullie mijn blogs lezen en wat jullie wel af en toe niet moeten denken? Onzekerheid ten top. Ik heb zelf het idee dat ik het allemaal mooier maak dan het is. Dat ik mezelf beter schrijf, maar ook vooral het rouwproces. Of ben ik echt zo sterk? Ik weet het niet, ik ben een piekerkont, die alle kanten op kan. Ik besta uit meerdere personen. Tijd om mezelf maar even onder de loep te nemen. Soul searching. Dit hele gebeuren rondom Alex* maakt me zo onrustig. Het schrijven ook soms, maar soms geeft het juist ook rust. Ik heb m’n telefoon constant bij me om hersenspinsels te noteren, opdat ik ooit eens alles op een rijtje krijg, maar volgens mij is dat onbegonnen zaak. Dit schreef ik een paar dagen geleden naar mezelf: ‘Ik ben verslaafd aan schrijven en zwelgen. Ik moet er echt mee stoppen. Totdat het een jaar geleden is, niet langer. Dit moet stoppen, wat ben ik nou eigenlijk aan het doen? Het voegt niets toe, ik verdoe tijd. Luxe, ik heb luxe om te zijn, om dit te doen en Michel maar hard werken. En mijn zussen en vriendinnen hebben allemaal een mooie carrière. Ik voel me een nietsnut. Of help ik echt? Mezelf en anderen? Is er meer voor mij? Erin blijven hangen is niet goed. Maar de angst om te stoppen en los te laten is zo groot. Ik wil niet op de oude voet verder. Ik wil er iets uit halen. Ik wil Alex* niet vergeten. Ik wil niet nuchter verder ook al zou ik het misschien wel kunnen. Of haalt het me weer in? Komt het altijd terug? Of kun je weer de oude worden zolang je het maar wilt? Stoppen met schrijven, ik zou het eigenlijk moeten doen als test. Rust, geen fb, net als op vakantie. Voelde ik me daar beter? Ik voel me nu ook niet slecht, alleen schuldig. Schuldig dat ik zoveel tijd voor mezelf en het rouwen neem….’

Ik ben zo aan het zoeken naar wie ik ben en wat ik wil. Een midlifecrisis? Veroorzaakt door het rouwen… Herkennen lotgenoten dit? Of ben ik echt zo gek aan het worden? Of was ik dat altijd al? Ik weet ook niet eens meer wat ik geloof. En daar raak ik vreselijk van in de war. Rouwen is voor mij echt topsport, omdat ik elke keer weer iets anders denk. Iets anders ben, iets anders wil zijn. Er zijn meerdere Martine’s. En ik waai met alle winden me. Ik pas overal in, kan het met iedereen vinden. Ik heb idee dat ik soms maar wat zit te zwammen. Dat ik m’n bek ook maar een douw geef (uitspraak van Michel). Ik kan vol positiviteit en liefde voor mezelf zijn. Maar ik kan mezelf ook vreselijk naar beneden halen… Help! Wie ben ik? 

Martine A 

Hoi, ik ben A, ik ben een liefdevol persoon. Ik ben echt Apostolisch en wil het goede in de mens zien. Ik kan me vaak ook heel goed in anderen verplaatsen en belicht alle kanten van een kwestie. Ik kan goed luisteren. Ik ben zorgzaam, en daarmee een goede fysio. Ik wil het goed doen, wat wel wat onzekerheid en perfectionisme met zich mee brengt. Maar als ik me goed en positief voel dan ben ik trots op mezelf. Dan vind ik mezelf best wel oké. Ik kan dankbaarheid voelen en heb bewondering voor de natuur. Het leven is dan mooi, ik voel levenslust. Ik wil het beste er van maken, omdat ik geloof in hoop. In liefde, karma, reïncarnatie, in iets meer. Deze Martine gelooft dat al het leven op aarde iets voorstelt, een ziel heeft, dat dingen om een reden gebeuren. Dat je gaande weg moet leren, een leven lang. Dat dit een les is, Alex* wil me wat laten (in)zien. Deze Martine is creatief, rommelig en chaotisch. Heeft overal ideeën en projecten liggen en is een echte Vis. Ik geloof ook in Sterrenbeeld en spiritualiteit. Het liefste zou ik de hele dag willen mediteren, yoga doen, sporten, gezond willen koken en eten. Ik ben best wel lief. Ik wil mens en dier helpen, goede doelen steunen en de aarde redden. Ik hou van mensen, iedereen heeft iets goeds en verdiend een tweede kans. Vergevingsgezind. Eerlijk en oprecht. Ik hou van de natuur. Ik ben emotioneel, sentimenteel, kan veel onthouden en leef misschien iets te veel in het verleden. Alex* zit in mijn hart en ik voel zijn aanwezigheid om me heen. Ik denk dat zijn ziel bij ons is, want ik heb een lichtflits gezien toen hij stierf. Ik zie hem in alles wat op m’n pad komt. Het geeft me rust en vrede. Het troost me. Misschien hou ik mezelf voor de gek, maak ik het beter dan het is, omdat het anders geen doen is. Maar dit werkt. Soms voel ik me wel een beetje nep. Als ik naar foto’s kijk van de eerste dagen en weken sta ik er vaak lachend op. Ik was trots en sterk, en vol liefde voor m’n zoon of deed ik alsof? Ik wilde graag weer mooi zijn en genieten van het leven. En doordat die gruwelhormonen weg waren barstte ik van de energie. Ik verbaas me er wel over, zet vraagtekens, maar ik ben lief voor mezelf. Ik praat het goed. Ik ben niet ingestort, ik was gewoon sterk en ik ben hoopvol… Het komt wel weer goed. Ik wil nog zo graag een kindje, het is het mooiste wat er is. Ik ben een goede moeder. Het verlangen is zo groot. Ik denk met liefde aan onze Alex*.

Martine B

Hoi, ik ben B, en ik ben er vaak door heen aan het tetteren als ik positieve dingen denk of schrijf. Ik wil alles ontkrachten, bagataliseren, negatief maken. Ik ben nuchter en sarcastisch en ik geloof eigenlijk nergens in. Ik ben wetenschappelijk in gesteld, ik benader dingen biologisch. Haast chemisch. Het is allemaal een mengeling van stofjes, hormonen en weefsel. Ook dat maakt me een goede fysio. Hoewel ik niet super ambitieus ben. Ik ben eigenlijk een beetje onverschillig en geef er allemaal niet zo heel veel om. Een beetje egoïstisch ook. Ik ben ook liever alleen, want ik kan me best wel irriteren aan andere mensen. Ik ben hard voor anderen maar vooral ook voor mezelf. Ik leg de lat hoog. Haast ook een tikkeltje arrogant en betweterig. Hypocriet ook wel, want ondertussen douche ik elke dag tien minuten, scheid ik mijn afval niet goed en verspil onnodig elektriciteit. Ja hoor save the world, die valt toch niet meer te redden. Wat maakt het uit? Best wel oppervlakkig eigenlijk. Dit is ook de luie Martine, die zich niet zo druk maakt. Uitstellen doe ik graag. Ik kan erg negatief over mezelf en dingen praten. Alex* is er niet meer en hij gaat er ook nooit meer komen. Dood is dood, er is niets daarbuiten. Ik geloof niet in de hemel, waar zou die moeten zijn? Ik geloof niet in geesten, niemand die ze ooit ziet. Ik geloof niet in het buitenaardse. Soms denk ik zelfs dat het allemaal niet zo erg is. Want ik kende hem niet, ik ga gewoon door met leven, ik ben er nog. Het heeft geen zin om te blijven hangen in het verleden. Ik weet dat ik mezelf soms alleen maar troost met het geloven in engeltjes en zo, de makkelijke weg. Maar het is keihard, het is moeilijk. Het leven is gewoon niet zo leuk en het is allemaal toevallig. Iedereen krijgt shit over zich heen en in andere culturen gaan ze er heel anders mee om. Dat kan ik toch ook? Ik wil nog steeds een kind en eigenlijk wil ik het nu. Best verwend eigenlijk. Kan ik Alex* gewoon zo ‘vervangen’? Maar eigenlijk wil ik niet meer. Ik wil m’n leven weer terug, studeren, dingen voor mezelf doen, want kinderen zijn helemaal niet zo leuk en eisen alles op. Het boeit me niet zo heel veel wat anderen van me vinden of hoe ik eruit zie. Kennis is weten, en ik ben liever slim dan mooi. Ik ben wel een beetje bitter en pessimistisch. Of is dit een beschermingsmechanisme? Ben ik echt zo donker? En verhul ik dat met neppe A? Zou ik graag A willen zijn? Of ben ik A met een donkere kant B? Maar dan ken je C nog niet. C is pas pikzwart…

Martine C

Hoi, ik ben C, en ik ben vreselijk teleurgesteld in het leven. Soms ook in mensen. Maar ik ben vooral heel erg verdrietig en treurig. Ook wel depri. Wat heeft het voor zin? Wat doen we hier? Waarom mocht Alex* niet blijven? Waar is hij? Ik vind mezelf best wel zielig. Ik heb best wel medelijden met mezelf. Het is toch ook allemaal oneerlijk? Of de schuld van anderen? Oh mijn god, wat als het de schuld is van anderen? Wat als ze fouten hebben gemaakt bij Alex*? Wat als de wereld één grote leugen is en we allemaal voor de gek worden gehouden. Complotten, daar word ik best wel paranoïde van. En bang. Wat als aliens wel bestaan? En geesten? Twijfelkont. Ik vind het allemaal niet zo leuk eigenlijk. Ik wil me het liefst verstoppen, ik ben niet sterk genoeg. Soms wil ik niet meer. Ik mis Alex* vreselijk. Ik snap niet waar hij is, ik denk dat het allemaal mijn schuld is. Mijn lichaam laat me altijd in de steek. Ik wil nooit meer een andere baby, Alex* is onvervangbaar en ik wil niet over hem heen komen, ik wil niet verder. Ik durf trouwens ook niet meer, ben constant bang. Hele dagen komt er niets uit mijn handen, kan ik piekeren en malen. Hangen er donkere wolken boven mijn hoofd. Ik ben bezig met wat anderen van me vinden. Ik wil heel graag nog een kindje, maar eigenlijk vind ik dat best egoïstisch. Wie wil nou zo’n moeder als ik? What’s the point anyway? Mensen komen en gaan. En zo gaat het maar door, zonder echt een doel of een eind. Het gaat ook allemaal veel te hard, en ik wil nog zo veel, maar ik kan eigenlijk niets. Ik ben niet goed genoeg… Het is te groot voor mij, ik kan het niet omvatten. Het heelal, ik durf niet eens te denken over wat er met Alex* was en waar hij nu is. Het maakt me te verdrietig, melancholisch, die pijn is al zo aanwezig. Maar soms vind ik die pijn wel lekker. Dan voel ik nog ergens dat ik leef. 

Martine D

Hoooooooi! Pfff ik neem mezelf echt veel te serieus, haha… Zal ik maar gewoon gaan slapen? Waar is dat knopje waar ik mijn hoofd mee kan uit zetten? Uit! Serieus ga uit… Zal ik mezelf maar gewoon accepteren? Er zullen er vast meer zijn zoals ik. En zo niet, pech! Een beetje gekheid maakt het toch allemaal veel leuker en interessanter. Ik verveel mezelf in ieder geval nooit!! Met een beetje humor en zelfspot kom ik er wel. You only live once… Maak er wat van, ga er voor, maak je geen zorgen. Geniet, dans, lach, maak lol. Een kindje maakt ons geluk af, maar zo niet ben ik al een gezegend mens met twee prachtige zoons…. We zien wel wat de toekomst brengt. Ik heb alles wel op een rijtje, alleen misschien niet helemaal in de goede volgorde haha. Waar Alex* ook wel of niet is, hij zal vast hartelijk kunnen lachen om z’n idiote mama. Ik had actrice moeten worden denk ik… 
Ik vraag me af of ik inderdaad in een psychologisch hokje moet worden geduwd, maar volgens mij valt het wel mee als je zelf de diagnose stelt, haha…

Beschermengel

Bàh ik ben echt weer belachelijk emotioneel en sentimenteel! We hebben eergister een prachtige dag gehad met de bruiloft van één van mijn beste vriendinnen. Wat was het leuk en gezellig en ook heel ontroerend! Bruid en bruidegom hebben allebei zulke lieve familie en vrienden. De liefde vieren is het mooiste wat er is en dat hebben we gedaan. En hoe! Een heerlijk feestje. Lekker los, dansen en lachen en er zijn ook heel wat traantjes weggepinkt (door mij). Ze zeiden zulke mooie dingen tijdens de ceremonie en geloftes. De bruidegom had ook een gedicht geschreven en daar hield ik het absoluut niet droog bij. Met hun toestemming mag ik hem hier plaatsen: 

Beschermengel

Ik weet niet waar je bent,Ik weet niet eens of ik je heb gekend.

Ik weet niet precies wat ik met je moet, En ik weet niet zeker wanneer of wat je doet.

Ik weet niet of ik met je moet praten, Of dat ik het gewoon zo kan laten.

Wat ik wel weet is dat je bij me staat, En zorgt dat het goed met me gaat.

Ik voel dat je me wijsheid geeft en over me zal waken, Als ik belangrijke beslissingen moet maken.

Ik voel dat je over mij en mijn geliefde ontfermt, En ons ten alle tijden beschermd.

Ik voel je ondersteuning bij onze zoektocht naar geluk en voorspoed, En dat je er altijd bent als het moet.

Vandaag is een van de belangrijkste dagen in mijn leven, En daarom wilde ik nu speciaal aandacht aan je geven.

Mijn beschermengel, dit korte gedichtje is in gedachte voor jouw, Want je bent me altijd trouw.

Zo ontzettend mooi!! Mijn andere vriendin zat naast me met haar verloofde en ik kreeg van allebei direct een handje en een aai. Ook de zus van de bruidegom die ook hun kindje is verloren, een vrouw die mij enorm gesteund heeft de laatste maanden (voor Alex* kende ik haar helemaal niet), kon het ook niet droog houden. Na afloop knuffelden we elkaar. Het is zo maf wat voor band je kan opbouwen met elkaar. Het is zo mooi dat je blijdschap en verdriet met elkaar kan delen. Wat ik al zei de liefde vieren is het bijzonderste wat er is. Ja, daar word ik emo van. En daarna val ik in een gat. Want ik mis Alex* vreselijk en de toekomst is zo onzeker. De warme deken van liefde, het gezelschap, de ontroering, de lol en de euforie zijn nu weg en dan voel ik me koud en sip worden. Ik mis het allemaal en ik ben moe (vermoeidheid is bij mij killing voor mijn humeur). Eveneens mijn darmen die me ook weer tijdens de bruiloft compleet in de steek lieten. Zo’n dag is leuk, maar lichamelijk en geestelijk (emotioneel) gezien hakt he er lekker in. Het is voorlopig even gedaan met de feestjes helaas (misschien wel even goed ook haha). Vanmorgen werd ik somber wakker. Het is ook weer grauw en grijs vandaag, de dagen worden ook langzaam aan weer korter en donkerder. Het geeft me een onbestemd gevoel. Ik weet dat we weer naar de herfst gaan en daarna komt de winter. ‘Winter is coming’ (nu hoor ik in gedachte het ‘Jaws’ muziekje). Onheilspellend. Ik ben er bang voor. Dan gaat het bij mij twee kanten op, ik wil iedereen gaan appen om leuke dingen te doen. Gewoon bezig blijven, afleiding zoeken, alsof ik verslaafd ben aan gezelligheid. Want man man wat hebben we feest gevierd, en wat hou ik daar van!!! Ik vraag me dan trouwens wel altijd af wat iedereen daar nou van vindt. Want ook op die trouwdag, ik blijf de vrouw die haar kind verloor. Iedereen kent me zo en toch kan ik nog wel gewoon genieten. Door mijn blog kennen mensen mij beter en willen ook met mij erover praten. En dat is super lief en fijn, want ik ben trots als ik mijn kind kan benoemen. Maar het is ook moeilijk, want ik ben bang dat men een oordeel heeft over mijn voorkeur voor gezelligheid en feestjes. En het is ook niet makkelijk om aan je kind herinnert te worden als je er even zelf niet aan denkt. Maar dat blijft een dubbel iets waar geen oplossing voor is. Ik wil erover praten, maar dan alleen wanneer het mij uitkomt, haha maar dat kan natuurlijk niet!!! Verder blijft het altijd moeilijk dat er overal zwangeren, baby’s en kinderen rondlopen. Je hebt eigenlijk steeds een denkbeeldige muur om je heen die je dan weer optrekt en dan weer afbouwt. Ik wil soms ontroert worden, bv door zo’n gedicht, dan laat ik het toe, maar soms ben ik er ook niet op berekend en dan valt het zwaar. Soms probeert iemand anders lief mee te helpen je muur af te breken, maar sommige kunnen hem ook met flinke kracht omver duwen waardoor je het idee hebt dat het te snel stuk gaat. Maar goed, de andere kant van mij wil me na zo’n weekend juist verstoppen. Want als ik geen lol maak, blijf ik stabieler. Dan voelt die achtbaan niet zo stijl aan. Dan val ik niet meer zo hard naar beneden, maar dan voel ik me dus ook nooit aan de top. Dat maakt me emo, want de top met vrienden en familie voelt zo fijn!! Zo warm en gezegend. Mijn lieve vriendinnetjes die ik al jaren ken en zoveel nieuwe mensen om me heen die stuk voor stuk liefdevol en hartelijk zijn. Vanuit dat oogpunt wilde ik het vandaag dus anders gaan aanpakken. Niet verstoppen. Niet toegeven aan de vermoeidheid, melancholie en tikkeltje depressiviteit. Nee ik wil er voor gaan. Ik wil bezig zijn. Gisteren zag ik mooie bloemen staan in een winkel en ik nam me voor om mezelf te belonen met een bos als ik positief blijf. Als ik het huis opruim en orden en daarmee m’n hoofd en m’n leven. Ik ben dus lekker bezig gegaan en tot nu toe bevalt dat inderdaad beter dan zwelgen in verdriet om wat niet meer is (of dat nou Alex* is of de bruiloft die voorbij is maakt niet uit). Ik ben gewoon aan het nagenieten en ik blijf opmerkzaam voor alles op m’n pad. Zo kom ik net in een tas allemaal waxinelichthouders tegen die ik ooit es heel lang geleden heb gekocht. Met vlinders en sterren, perfect! Dan worden de donkere dagen ook weer opgelost. Een vriendin appte vanmorgen ‘je moet denken in oplossingen, niet in problemen’. Ik ben zo gegroeid, ik ben zo veranderd (positief). Ik heb zoveel meer oog voor wat is en voel vaak intense dankbaarheid. Mijn zus gaf van het weekend mijn poëziealbum terug (om onverklaarbare reden ligt die al jaren bij haar) en het gedichtje wat ik lees als ik er door heen blader is van mijn ouders. Spontaan begin ik te janken, omdat ik niet meer in toeval geloof en omdat mijn ouders ook de liefste papa en mama zijn die ik me kan wensen. Ik zoek en ik vind. Aansluiting bij al het moois wat het leven me geeft. Lees maar:

Sluit vriendschap met de bomen
sluit vriendschap met de wind
sluit vriendschap met de bloemen
die je op de wereld vindt
 
Sluit vriendschap met de wolken
sluit vriendschap met de maan
sluit vriendschap met de sterren
die aan de hemel staan
 
Sluit vriendschap met de golven
de zee: met eb en vloed
maar vooral met alle mensen
die je op je weg ontmoet

Ik ben een loner, zo voel ik me prettig, ik vermaak me prima in m’n eentje of vind het lekker om te zwelgen. Daarbij heb ik veel meer dan vroeger connectie met de natuur, met de sterren, bloemen en de zee. Ik heb oog voor de schoonheid van de schepping en laat me graag raken door de liefde. Maar daarbij kan ik niet zonder vriendschap, of dat nou met mijn echte zussen is of met de zussen die ik zelf heb uitgekozen (vriendinnen) of door mooie mensen die op m’n pad komen. Het is allemaal even bijzonder. Ik voel mijn beschermengeltje ook bij me. Als ik alleen ben, in de natuur en in ‘toevalligheden’ maar vooral ook in de mensen om me heen en in de liefde. Liefde beschermt mij. Ik moet vertrouwen hebben dat het goed komt. Michel is daarin mijn rots en anker. Hij geeft me dat vertrouwen en hij is er altijd om mij te beschermen. Mijn harde werker…

8 maanden 

Mijn gedachten gaan uit naar een stel dat vandaag hun kindje begraaft. Het haalt zoveel naar boven. Ik heb bloemen voor ze uitgezocht namens onze familie. Bloemen? Wat hebben ze daar nou aan? Ik zou er fysiek voor ze moeten zijn. Ik kan het niet, 19 augustus 2016, 8 maanden zijn we verder. Het wordt echt beter, echt… We hebben eergister de maatschappelijk werkster afgesloten. We voelen ons stabiel. Stabiel genoeg om aan een nieuw avontuur te beginnen. Maar zij, zij zitten er nu midden in. Ik zou willen dat dit nooit meer iemand zou overkomen……
Ik ben er aan begonnen. Sterker nog ik heb het in één keer uitgelezen. Het boek ‘Kusje in de wind’ van Irene van Wesel. De zon gaf me moed, mijn hart breekt ondanks de warmte in duizend stukjes. Hoewel haar verhaal zo anders is als het mijne, schrijft ze op een manier dat ik het had kunnen vertellen. Haar schrijfstijl gaat in op emoties. Ze raakt je. Je leest door haar gevoelens heen, die elkaar telkens afwisselen, net als de mijne wanneer ik de zinnen lees. Het is prachtig en zo puur. Liefde, hoop, verdriet, hartverscheurend, maar ook woede, ongeloof, sarcasme en verbittering. Ik mis nuchterheid. Het is voor mij nog te ver weg, ik ben na 8 maanden nog niet heel. Daarom heb ik ook zo lang gewacht met het lezen van iemand anders z’n verhaal. Het is confronterend en ik wil niet veroordelen, maar ik kan ook boos worden op andermans verhalen. Terwijl het tegelijk zoveel herkenning, moed en opluchting geeft. Ik sta niet alleen, ik ben niet de enige die rouwt. Ik had het ook bij het boekje ‘Zonnekind’ dat we als kerstgeschenk voor Alex* kregen. De eerste bladzijden daar kon ik me in vinden, maar de laatste… “Acceptatie”. Hoe halen ze het in hun hoofd dat er in te stoppen. Ik kom daar nooit dacht ik toen… En notabene wilde ik dat boekje voor dat lieve stel kopen, omdat het zo mooi is. Maar het was al voor ze gekocht, hoorde ik in de Troostkamer. Dus heb ik een engeltje en een ander boekje voor ze gekocht ‘Ono, een heel bijzonder broertje’. Een kinderboek. Ook intens verdrietig, maar wel dapper en hoopvol. Ik wil ze laten zien dat de dood van je kindje ook mooie dingen kan brengen. Zoals ons dat ook is laten zien. Zoals Irene dat heeft willen laten zien. Hoewel mij dat soms ook tegen de borst stuit. Het imperium dat ik probeer op te bouwen uit naam van Alex*, de boeken die ook ik wil gaan schrijven, de plannen en ideeën die ik heb. Is dat niet fout? ‘Geld’ verdienen aan Alex* zijn dood, of kan ik me verschuilen achter het willen helpen van anderen? Waarom wil ik mijn verhaal zo graag delen? Wie wil ik zijn? Wat wil ik brengen? Het is een gevoel dat ik wil uiten, een overklaarbare drang naar uitdragen, kennis en inzicht geven, taboes doorbreken en erkenning te krijgen. Is het een verlangen, m’n roeping? Wie is dat stemmetje dat steeds tegen me spreekt, maar dan zonder woorden. Hoe ontstaat die onrust? Pfff de weekbrief sluit goed aan. Een droom, een wens…

Ondertussen open ik m’n mailbox…

“Dream on…” (Mailtje van de hunkenmoller)

Overal heb ik hersenspinsels staan. Hoe ga ik die brij ooit ordenen tot een geheel?

Morgen een bruiloft. Vandaag een begrafenis. Het leven. Zo dubbel. Tijd. Zoiets raars… 

“Love will never get lost” (weer see you again)

Acht maanden geleden kwam hij op deze wereld, ten minste buiten de baarmoeder, want hij zat er al die tijd al. Want precies acht maanden lang heb ik hem mogen dragen. Maakte ik plannen, beelden, hield ik al immens veel van dat kindje in m’n buik. Wat later een jongen bleek (dat wist ik toch al lang!). Acht maanden lang kijk je er naar uit, heb je een toekomst, is de liefde voor je ongeboren kind een steeds groter ding. Eerst de onzekerheid en angst, want het is nog pril. Een miskraam is dan nog goed mogelijk. Iets wat ook veel bekender is. Maar na dat eerste trimester ga je over stag. Dan is je misselijkheid over, dan ga je hem voelen, dan wordt het haast tastbaar en ga je je serieus voorbereiden. Dat levende kindje kan dan niet anders dan gezond ter wereld komen. Zeker als de 20 weken goed is en elke controle die volgt. Je gaat aftellen, je leeft naar het moment dat je je gedachtes om kan zetten in daden. Nog even en ik kan m’n zoon knuffelen, vasthouden, verzorgen, horen huilen en lachen, op zien groeien, ouder zien worden. Met alles wat daar bij komt kijken. Maar dat het na 8 maanden nog mis kon gaan, daar ging ik niet vanuit. Zelfs niet toen het zorgelijk was tijdens de keizersnee. Ik hoor het ze nog zeggen ‘we gaan je wassen en dan komt hij zo bij je op de kamer’. Dat mijn onheilspellende gevoel dat ik wel 8 maanden lang heb gehad zou uitkomen, dat is niet te bevatten. Hij was er, ons kindje is er geweest. In m’n buik, die twee korte uurtjes en de week erna. En nog steeds. In mijn hart, in mijn ziel, in mijn gedachten en tijdens mijn bezigheden. Ik kies er nog steeds voor om het op te zoeken. De boeken die ik lees, de lotgenoten die ik spreek, de Troostkamer die ik opzoek. De maatschappelijk werker zegt dat het soms juist voor heling kan zorgen. Toch is het nog steeds te zwaar om naar de begrafenis te gaan van dit kindje dat ook zo geliefd en gewenst was/is. Hoeveel verhalen er ook zijn, hoe groot de brij. Voor iedereen staat als paal boven water dat de liefde voor je (overleden) kind nooit verdwijnt. Tijd heelt niet alle wonden, ze worden alleen anders…

Achtervolgt

Nou ja, bizar! Ik sprak gister mijn buurvrouw van één huis verder (ik had haar na de stevige knuffel tijdens oud en nieuw niet meer gezien) en ze vertelde me dat ze een bericht op FB had gestuurd destijds. ‘Oh, ik heb niets ontvangen’ zeg ik. Ik ga dus net kijken op de computer, en nu blijkt er een heel geheime verborgen messenger te zijn. Een hidden spamfilter voor mensen die niet je ‘vrienden’ zijn. Ik open het en er rollen talloze berichten uit van ‘vreemden’. Allemaal mensen die op één of andere manier via via of door mijn blog ons verhaal kennen en ons een hart onder de riem hebben willen steken. Het is een beetje mosterd na de maaltijd dat ik het nu pas lees, maar wat ontzettend lief van die mensen. Ik wou dat ik het toen gelezen had! Misschien moet het dan weer zo zijn ofzo. Een duwtje in de rug op een verder sombere dag. Ik voel me gewoon erg sip de hele tijd. Vermoeidheid hakt er bij mij echt vreselijk in (ik word echt oud, irritant!). Moet gewoon bijkomen van het weekend. En ik moet niet zo piekeren… Ik ben met zoveel in m’n hoofd bezig. Vanmorgen schepte ik alweer bijna een andere auto op de rotonde. Maar goed, die berichtjes helpen dus wel weer een beetje. Dan komt ‘See you again’ van Wiz Khalifa en Charlie Outz (Fast and Furious – Paul Walker) voorbij en ik krijg gelijk weer vochtige ogen. Zal ik Alex* ooit weer zien? Het is ook gewoon niet eerlijk! Mooie mensen mogen niet dood gaan of ziek worden… Ik ben ook heel erg bezig met een lotgenoot. Ze is pas net in het zelfde schuitje komen zitten. Ik ken haar van vroeger dus het komt heel dichtbij. De begrafenis moet zelfs nog gebeuren. Ik wou echt dat niemand dit ooit nog zou overkomen. Waarom moet lieve mensen dit overkomen? Het is niet eerlijk. Ik red me wel, ik kan het wel aan, maar ik wil die pijn niet meer bij anderen zien. Kindjes horen niet dood te gaan. Ik wil haar helpen, ik wil er voor haar zijn, maar ondanks dat ik het zelf heb mee gemaakt, weet ik nog steeds niet wat ik moet doen. Wat het beste is, wat werkt? Iedereen is anders, ik weet niet waar zij behoefte aan heeft. Ik wil me niet opdringen, ik wil haar de les niet lezen. Hoe kun je er voor iemand zijn??? Er is zoveel mis in de wereld. Zijn we vergeten hoe we elkaar moeten helpen? Zijn we zo bang voor de reactie van de ander? Ik wil het goed doen, maar ik weet ook dat ik commentaar krijg van Michel. Hij vindt het te vroeg, hij weet wat dit met me doet. Ik trek het mezelf te veel aan. Maar iemand anders helpen, helpt mij toch ook? Natuurlijk doet het pijn, maar ik kan haar toch niet aan haar lot overlaten? Mij hebben ze toch ook geholpen? Ze mag zich niet alleen voelen. En zo wil ik ook naar het ziekenhuis naar de kinderafdeling. Ik weet niet waarom, maar die plek trekt me aan. Ik wil zien waar Alex* is overleden. Verstandig? Ik heb geen flauw idee, maar het spookt in m’n hoofd. Zoals zoveel… Voor mij zijn lotgenoten m’n grote steun. Ik heb lijntjes met mensen die ik nog nooit eerder heb gezien, maar waar ik me prettig bij voel. Van wie ik hulp krijg. Ik krijg het warm van lieve berichtjes. Dat loodzware hart, wat ik momenteel weer voel, wordt er weliswaar nog zwaarder van. Maar bij mij is het de enige manier dat het er uit kan. Die vochtige ogen moeten huilen op een bepaald punt. In een van die berichten lees ik ‘keep your heart strong’. Ik doe dat door hem af en toe juist te laten breken, door het leed op te zoeken. Ik weet niet waarom, ergens is het masochistisch, maar het werkt. Het komt er sneller uit, waardoor ik sneller verder kan. Na zo’n moment luister ik vaak naar ‘Laat het los’ van Marco Borsato. Dan is het welletjes, dan ga ik door. Het komt alleen áltijd weer terug.. ..Liefde laat je namelijk nooit écht los..

Boom in de weg

‘Of we vinden een weg, of we maken er één’, deze quote lees ik net. Zo van toepasbaar bij ons. Het pad dat we bewandelen. Michel en ik. 5 jaar geleden vroeg Michel mij ten huwelijk op Malta (23 juli 2011). Het was een prachtig aanzoek. Hij had een zeilboot geregeld en we vaarden naar the Blue Lagoon. Onder de sterrenhemel vroeg hij na een prachtige zonsondergang en diner met een fonkelende diamanten ring of ik met hm wilde trouwen. Hij en ik en onze liefde, drie steentjes. Het was een sprookje. Ons sprookje, met een ‘they lived happily ever after’ ending. Ten minste, daar gingen we toen van uit. We hadden het allemaal bedacht. Verkering, genieten, samenwonen, genieten, trouwen, de mooiste dag van ons leven, en als slagroom op het toetje: kinderen. 2 of 3, daar waren we het nog niet over eens, maar hoe ze moesten heten wel. Uiteraard een jongen en een meisje. Ik was een prinses, had alles wat m’n hartje begeerde. Een mooi huis, geweldige familie én schoonfamilie, lieve vrienden, fijne baan en noem maar op. Alles wat ik voor ogen had, hoe ik het had uitgestippeld, lukte. Wist ik veel. De route die we namen was zoals gepland en zoals het hoorde. Ik was als de dood dat het super lang zou duren tot we kinderen zouden krijgen. Twee goede vriendinnen deden er op dat moment al jaren over en ook op mijn werk kwam ik veel vrouwen tegen waarbij het niet lukte. Ik had een vertekend beeld van zwanger worden. Dus maar zo snel mogelijk na de bruiloft beginnen. Hoewel we het zagen als de kers op de taart, was het verlangen groot. Ik vond wel dat onze liefde op nummer één kwam, of we nou kinderen zouden krijgen of niet, wij zouden samen oud worden. Godzijdank was ik al na 3 maanden (nadat we het mochten proberen toen de malariapillen van de huwelijksreis naar Kenia uit ons lichaam waren) zwanger van Demian. Dát was pas een zegen. Een kind krijgen. Ineens werd ik als moeder geconfronteerd met de liefde voor je baby. Zo intens, overweldigend en oneindig. Zo anders als mijn liefde voor Michel (die overigens met de dag groeide toen hij de rol van papa kreeg). Ik riep altijd al, snel een tweede, niet te veel leeftijdsverschil er tussen. En ik wilde straks twee stenen in mijn ring er bij, onze kindjes. Nog steeds ik wil, ik wil, ik wil… Ik zat op een roze wolk. 2 jaar later werd ik zwanger van een tweede zoon. Een hele zwangerschap moest ik wennen aan dit idee, want het zou toch een meisje worden? (ik voel me hier nog steeds vreselijk schuldig over). Ook namen we afscheid van het zwanger zijn. Dit was immers de laatste keer. Michel was duidelijk, géén derde. Ik was namelijk niet zo goed in zwanger zijn, iets wat ons huwelijk op de proef stelde. Na 7 jaar geluk, hadden we namelijk een iets mindere tijd. Een moeizame eerste zwangerschap, een baby (die je relatie zoieso op z’n kop zet), verlies van baan, een helse verbouwing aan ons huis en ziekte in de familie. Het was stormachtig, we namen wat zijpaden, kronkelweggetjes, hobbelige weggetjes. Het ging ineens niet meer zo van zelf sprekend. We moesten er harder voor werken. Toch vonden we elkaar altijd weer terug. We maakten ons eigen pad. We wisten dat we aandacht aan elkaar moesten blijven besteden. Leuke dingen moesten blijven doen. Maar wij vinden dat moeilijk. Nog nooit zijn we langer dan 1 nacht van Demian weg geweest. We kunnen het gewoon niet. Hij is ons zonnetje, ons dierbaarste ‘bezit’, te kwetsbaar, de kroon op onze liefde. Een liefde die onwerkelijk is. Zo sterk als een boom. Wij breken niet, wij buigen mee in de wind. En nu is er tóch een dierbare tak afgebroken. Ik las een stukje daarover:
“Er waren eens drie bomen, die alle drie in een hevige storm een grote tak waren kwijtgeraakt. De drie bomen waren elk op een andere manier met hun verlies omgegaan. Jaren later ging ik de bomen weer opzoeken. Gister heb ik ze weer gevonden en gesproken. 

        De eerste boom rouwde nog steeds om zijn verlies en ze ieder voorjaar als de zon hem uitnodigde om te groeien: ‘Nee, dat kan ik niet want ik mis mijn belangrijkste tak’. Ik zag dat hij klein was gebleven en in de schaduw stond van de andere bomen. De zon drong niet meer tot hem door. De wond was duidelijk zichtbaar en zag er naakt uit. Het was het hoogste punt van de boom. Hij was niet meer verder gegroeid

          De tweede boom was zo geschrokken van de pijn dat hij snel had besloten om het verlies te vergeten. Hij was moeilijk te vinden, want hij lag op de grond. Een voorjaarsstorm had hem doen omwaaien. Hij had zijn greep op de aarde verloren. De plek van de wond was moeilijk te vinden. Deze zat verstopt achter een heleboel vochtige bladeren. 

          De derde boom was ook erg geschrokken van de pijn en de leegte in zijn lijf, en hij rouwde om zijn verlies. Het eerste voorjaar toen de zon hem uitnodigde om te groeien, had hij gezegd: ‘Dit jaar nog niet.’ Toen de zon het tweede voorjaar weer terugkwam met de uitnodiging, had hij gezegd: ‘Ja, zon, verwarm mij zodat ik mijn wond kan verwarmen. Mijn wond heeft warmte nodig, opdat ze weet dat ze erbij hoort. ‘Toen de zon het derde voorjaar kwam, sprak de boom: Ja, zon, laat mij groeien. Ik weet dat er nog zo veel te groeien is. ‘De derde boom was ook moeilijk te vinden, want ik had niet verwacht dat hij zo groot en sterk zou worden. Gelukkig heb ik hem herkend aan de dichtgroeiende wond, die vol trots in het zonlicht werd gehouden”

Je kunt het wegstoppen, weglopen, erin blijven hangen en je er aan toegeven. Je kunt ook vechten, leren en groeien. Ik wil graag geloven dat wij die derde boom zijn. Dat wij veerkrachtig zijn, samen leren en groeien, verstrengeld in elkaar. Want onze liefde staat op één, het is het vechten waard. Onze basis is sterk, onze wortels zitten diep. Wij banen ons een weg, ik wil de zon erop laten schijnen, ook op onze wonden. En ik besef nu dat het niet meer gaat om de eindbestemming, zoals ik vroeger altijd dacht. Nee het gaat erom hoe je die weg bewandeld, op welke manier en hoe je kijkt naar de dingen op je weg, zelfs als er gaten in zitten. Dit weekend zijn we samen naar DanceValley geweest. Het was geweldig! Niet alleen rozengeur en mannenschijn, want we zijn elkaar letterlijk een half uur kwijt geweest. Paniek en zorgen overspoelde me toen ik van alles in m’n hoofd haalde wat er met hem kon zijn toen ik hem niet kon vinden. Ik ben dan echt niet meer onbevangen. Verder hadden we het moeilijk tijdens het vuurwerk, maar we waren wel heerlijk samen. Alleen wij tweeën (en uiteraard nog duizenden anderen), maar onze kracht is dat we niemand ‘nodig’ hebben om plezier te maken. Wij kunnen het samen naar ons zin hebben. (Ik hoop dat iedereen dit goed interpreteert, want uiteraard hebben we mensen om ons heen nodig, maar wat ik bedoel is dat wij samen één kunnen zijn). Wij vinden elkaar zo leuk en gezellig, nog steeds na 9 jaar. En we konden doen wat we wilden, wanneer we wilden. We moesten een takke end lopen vanaf de taxi standplaats naar het terrein en uiteraard klaagden we, maar uiteindelijk was het een kans om samen te wandelen, te genieten van elkaars gezelschap en te praten. Te praten, te praten, te praten. Dat is de sleutel, je moet samen in gesprek blijven. Dat is het pad wat we nu nemen. Ik hoor mezelf nog wanhopig aan m’n vader vragen ‘hoe moeten we dit samen verwerken?’ Wetende uit ervaring dat zoveel stellen uit elkaar gaan na zo’n dergelijk verlies. Ik was als de dood dat dit ons uit elkaar zou drijven. Dat dit de druppel was, dat 7 jaar ongeluk ons zou teisteren. Zelfs heb ik nog even gedacht dat dit een teken was om de handdoek in de ring te gooien. Ik was bang dat ons huwelijk niet voorbestemd was. Maar dan kijk ik naar Demian, dan kijk ik naar onze vakantie, naar DanceValley. Dit is de man van mijn dromen. Als het met hem niet lukt, dan lukt het met niemand. We zijn meteen in therapie gegaan, want ik zou er keihard voor werken dat wij niet uit elkaar zouden gaan. Dat dit verlies ons niet ook nog zou scheiden. Voor Demian, voor ons. De maatschappelijk werkster heeft ons zoveel geleerd. Woensdag gaan we er weer naar toe en ik kan nu eindelijk zeggen dat het goed met ons gaat. Dat we elkaar gevonden hebben, dat we zien waarom het gaat. Niet het eindpunt, maar het genieten in het nu. Geen doemscenario of angsten, nee het nu. Dit verwerk je namelijk niet, dit draag je samen, er is geen eindpunt. Tuurlijk wil ik nog steeds 80 worden samen met Mies, waar wie weet halen we dat niet eens. Ik kijk liever naar hoe we het nu hebben dan over 50 jaar. Wij, samen met Demian, en wie weet nog een kindje, als het ons nog gegeven is. We zullen er weer tegen aan moeten, wij kunnen het aan, ook al wordt het geen pretje. We plannen niet meer, we zien het wel. We moeten samen leuke dingen blijven doen, dat hebben we dan wel weer samen afgesproken. Want samen even naar een feestje en in een hotel doet ons zo goed. We vinden wel een manier. Ik zeg niet meer ‘we komen er wel’ ik zeg ook niet dat we er al zijn. Nee we gaan er gewoon voor! Desnoods door de blubber… Hoe mooi is het straks als we naar Alex* zijn boom kunnen wandelen terwijl er geen paden naar toe zijn. 

Ps. Een paar seconden na deze post, krijg ik dit als reactie, werkelijk prachtig, precies zoals ik het bedoel, en slaat echt wel op mij:

“Vandaag Ben Ik Gaan Lopen

Vandaag ben ik gaan lopen

Ik was het maanden al van plan

Maar pas toen iedereen gezegd had dat het niet kon ging ik lopen

Kijk me lopen toch, hier loop ik dan.

Vandaag ben ik gaan lopen

Ik heb de meningen geteld

En heb bedacht dat het niets uit maakt

Want als men niks vind word zelfs dat nog als een mening je verteld.

Vandaag ben ik gaan lopen

En waar ik loop is van nu af aan een weg.

Vandaag ben ik gaan lopen

Ik maak me klein bij elk geluid

Ik ben veel banger dan ik was, toen ik nog stil stond mag zo wezen, maar ik kom eindelijk, ik kom eindelijk voorruit.

Vandaag ben ik gaan lopen

En waar ik loop is van nu af aan een weg.

Kijk me lopen zeven sloten

Hoogste bergen andersom

Ik ben hoe dan ook gaan lopen

Ik zie wel waar ik kom

Diepe dalen mooie paden

Ik glim bij wat ik zachtjes haast onhoorbaar fluisterend zeg.

Waar ik gelopen heb

Is van nu af aan een weg.

Vandaag ben ik gaan lopen

Omdat dat is wat ik wou

Ik heb geen idee waarom men zei dat het niet kon, zeg liever ‘ga maar dat is leuk, dat moet je doen’

Want kijk me lachen dan.

Hier loop ik nou….”


Beestenboel

Zóveel te vertellen, ik voel zo véél.. Te veel. Zo gek hoe dat elke keer gaat met periodes van berusting en verminderde aandacht, totdat er weer een stortvloed aan emoties, ideeën, gedachtes, inspiratie en gevoelens aanspoelen. We zijn weer thuis na een week op het huis en hondje Benji van m’n schoonouders te hebben gepast. Nog even een weekje vakantie gevoel, ondanks dat Michel zich een slag in de rondte heeft gewerkt (z’n vader waar hij mee samenwerkt was dus op vakantie). Ik vond het fijn om nog ff niet in ons eigen huis te zijn. Én ik vond de aanwezigheid van een beestje super leuk! Ik ben opgegroeid met alleen vissen en een agapornis (dwergpapegaai), omdat mijn familie allergisch is voor huisdierharen. Wel ben ik echt gek op dieren en zat vaak bij mijn buren die honden en katten hadden of bij vriendinnen met dieren. Ik heb toen vaak ervaren dat dieren je echt komen troosten. Zelf wil ik ook echt wel, maar ik zou het niet leuk vinden als mijn familie niet prettig over de vloer kan komen. Daarbij wil Michel een hond en ik een kat, haha. Ooit kwam ik bijna thuis met een kitten van een terminale patiënt, maar hij vroeg er 500 euro voor (een echte whiskas-reclame-medaille-winnende-kitten). Dat vond ik echt een beetje gortig, er zijn ook zoveel beestjes in het asiel. Toen het met Alex* net gebeurde en ik ontroostbaar was vroeg Michel wanhopig ‘zal een kitten je nu helpen, wil je een kitten?’ zei ik snotterend ‘neeeheej…’ (Dat was natuurlijk m’n kans geweest, maar ik heb het laten lopen, hihi). Maar goed, het was heerlijk met Benji, knuffelen, kroelen, verzorgen. Het klinkt misschien echt stom, maar het voelde wel even als m’n baby. Dat moeder gevoel kon ik weer wat meer kwijt. Demian wordt namelijk met de dag groter en groter. Wil alles zelf doen en heeft z’n mama minder ‘nodig’. Hij loopt nu zelf met een pop rond en is zich bewust van baby’s om zich heen. Hij is drie en wordt ineens een echte kleuter die vragen gaat stellen. ‘Waarom?’ Zo heb ik al moeten uitleggen waarom er bloed in m’n onderbroek zit ‘mama heb je pijn?’ (Nee schat, mama is ongesteld) en waarom we opa en oma ‘s ochtends vroeg niet wakker kunnen bellen ‘waarom slapen ze nog?’ (Omdat half 7 veel te vroeg is!). Het is een heerlijk nieuwsgierig kereltje met een eigen wil. Michel en ik praten ‘s avonds voor het slapen gaan altijd nog even over hem. Dan lachen we over alle gekke dingen die hij doet, zegt en kan. We genieten daar van ‘hij is echt onze redding, ons zonnetje’. Toch zijn er ook lastige momenten als hij uit het niets over Alex* praat. Juist omdat hij nu ook vragen gaat stellen. Op tv was iets met baby’s ‘wij hebben ook een baby’ ‘ja, schat, maar die kan niet bij ons zijn he’ ‘nee, hij is in de lucht’ ‘ja, schat’ ‘waar dan?’ ‘Tussen de sterren en de wolken’ ‘waarom dan?’ ‘Omdat hij ziek was, schat’ ‘neee!’ Dan wordt ie een beetje prikkelbaar. Dat gaat dan te ver, dat snapt hij dan niet en dat vindt hij dan naar. Hij vind andere baby’s lief, maar ook elke keer weer een beetje spannend. Wat zal er dan toch in z’n koppie om gaan? Hoe verklaar je dat de ene baby er wel is en zijn broertje niet? En als er straks wel een broertje of zusje komt, hoe gaat hij daar dan op reageren? Wat vertel ik en hoe? Ik wil geen dingen vertellen die ik zelf niet echt geloof, maar hoe maak je het begrijpelijk voor een kind? Mijn god, houdt hij hier überhaupt iets aan over? Elke keer dat ie mij ziet huilen? Ik neem me maar voor dat zolang hij eet, slaapt en naar de wc gaat, dat het dan goed gaat. Maar soms droomt hij ook over Alex* en dan is hij heel verdrietig. Wat voelt hij? Of is het wat wij op hem projecteren? We waren samen in de dierentuin. Het was fijn, ik ging er vol goede moed naar toe omdat de muren (ook bij m’n schoonmoeder) op me af kwamen. Hoe langer ik er rondliep hoe meer m’n stemming helaas omsloeg. Het was gewoon geen reet aan zonder Michel. De helft van m’n gezin was niet mee, terwijl er daar talloze gezinnen, moeders met meerdere kinderen en vriendinnen met kinderwagens rondliepen. Ik snap niet dat het in dat soort situaties me zo ‘pakt’. Waarschijnlijk zat ik alweer niet lekker in m’n vel en was dat juist de reden dat ik afleiding zocht, maar toen ik een moeder een pasgeboren baby de fles zag geven had ik het helemaal gehad en ben ik na drie uur struinen weggegaan. Een paar minuten ervoor waren we bij de Wallaby’s geweest en daar zat een kleintje in de buidel van mama Wallaby. Het was echt súper mooi en schattig. Twee vrouwen stonden te geinen, ‘het zou toch raar zijn als jou baby z’n kop even naar buiten zou komen steken’ zegt vrouw A tegen haar zwangere vriendin ‘ja, hihi, ja, dat zou heeeeeel vreemd zijn, hihihi’ reageert zwangere vrouw B. Ik ben veranderd, normaal zou ik ook om dat soort grapjes kunnen lachen, sterker nog ik zou hem waarschijnlijk zelf gemaakt hebben. Nu kwam het hele gesprek mij stijf, nep en geforceerd over. Ze verstoorden mijn mooie tedere momentje van rust en verwondering voor de natuur. Je zou eens moeten weten dacht ik verbitterd, wat er allemaal mis kan gaan. Je wilt echt niet dat je baby ongevraagd naar buiten komt koekeloeren zoals die Wallaby. Ik ben niet meer onbevangen en onnozele, naïeve, blije zwangeren kunnen mij dan intens irriteren. Ik wil dat ff haarfijn uit gaan leggen dat je er geen grapjes over moet maken, dan wil ik ze waarschuwen voor het leed wat sommige mensen overkomen/te wachten staat. Vervolgens word ik dan weer vreselijk boos op mezelf. Wie ben ik om te veroordelen, wie ben ik om iemands bubbel door te prikken, waarom ben ik zo geworden? Ik wil niet zo zijn. Ik heb uiteraard m’n mond gehouden en geprobeerd te relativeren (het was ook heus wel grappig bedoeld en ik heb toch geen idee wat zij zelf al hebben meegemaakt.) Ik ben dan gewoon kribbig denk ik. Kribbig omdat ik geen mooie foto’s kan maken omdat het veel te druk is in de vlindertuin, waar ik eindelijk eens doorheen kon lopen, omdat m’n schoonzus niet mee was (die is bang voor alles dat vliegt, dus die slaan we altijd over). Kribbig omdat het kleine olifantje ook niet op de foto wil en er weer twee moeders met een hele club aan koters ‘olifantje in het bos, laat je mama toch niet los’ staan te blèren. Dat is Demian z’n liedje! De leeuwen zijn er niet (Demian’s lievelings), Blijdorp is te onhandig (te groot, geen eenduidige route), m’n benen doen zeer, de vlindersjaal van m’n schoonmoeder is niet warm genoeg, we lopen door de buien heen en mama heeft het helemaal gehad met de ouders in de speeltuin die hun kinderen roekeloos mijn kind in de weg zitten. Demian vindt het ondanks alles prachtig en merkt geloof ik niet veel van z’n shaggo moeder, maar zeker weten doe ik dat niet. Toch zie ik hem wel genieten, zeker als de hyena’s er wel zijn, die vindt hij prachtig! Voor mij was het een kwelling, zelf opgezocht dat wel, en later die dag voelde ik me letterlijk ziekig (autocorrect wil er ‘zielig’ van maken, ja dat ook dus). Knallende koppijn en een buik die helemaal van steek was. Dit doe ik voorlopig niet meer, niet in m’n eentje in ieder geval. Ik ben trots op Demian, hoe hij het allemaal doet, hoe slim en gevoelig hij is. Hij maakt me blij als hij de glijbaan af durft en de hele tijd vraagt ‘mag ik nog meer dieren zien?’. Voor hem blijf ik sterk, omdat hij dat ook is. Ik wou dat ik niet zo vaak huilde in zijn bij zijn. Ik heb een foto op m’n telefoon-beginscherm van hem die gemaakt is in het ziekenhuis de dag nadat Alex* overleed. Die lach, dat houdt me op de been. Zijn onschuld en wat zou ik hem graag hebben willen beschermen tegen alle onrust die volgde. Ook hij is niet meer onbevangen en groeit op met verlies. Want wat we ook doen, niet doen, zeggen of niet zeggen, zijn vragen komen naarmate hij ouder wordt. Ik heb vreselijk spijt dat we hem er niet bij hebben betrokken toen de fotograaf van Make a Memory kwam. Toen dacht ik echt dat het hem schade zou toe brengen, nu denk ik dat het hem juist zou hebben kunnen helpen. De foto’s zijn prachtig, dat besef ik weer door alle reacties op m’n Facebooksite. Ik heb ze er nu pas opgezet, omdat ik dat nu pas kon. Ik vergeet soms wat het bij anderen te beweeg brengt, ook dat is een handicap geworden. Ik ben soms een beetje te veel met mezelf bezig. Michel zei gister dat ik ook echt een soort leeuwin ben geworden, ‘kom niet aan m’n kinderen!’ Hij snapt het, maar ik schijn niet altijd even redelijk te zijn. ‘Nee, dat weet ik ook wel’ maar ja wat doe je er aan? Ik vecht voor m’n kindjes, mijn liefde is te groot en op een of andere manier wil ik maar steeds dat iedereen me begrijpt. We hadden gister een klein temperamentvol momentje. Ik lijk steeds wel een emmer die vol loopt en af en toe leeg moet lopen of overstroomt (als ik te laat ben met leeg laten lopen). Wel leren we steeds meer in dat proces. Ik voel steeds sneller aan wanneer die emmer leeg moet ‘mies we gaan nú praten, zet GVD die tv uit’ (oké aan de formulering kan nog wat verbetering, hihi) en hij leert heel goed te reageren op mijn onredelijkheid en strijdlust ‘ja ik begrijp je, maar…’ (In plaats van er acuut tegen in te gaan). Gister was het weer even ‘stop, pauze, rewind en ontstress. Zo doen we het maar goed met z’n drietjes. Na deze idioot drukke week, heb ik enorm zin in dit weekend. Quality time met z’n tweeën, lekker in een hotel en naar het festival Dancevalley, daar zijn gelukkig geen baby’s 😉

Onze ster(ren)

Feeling blessed; dat we lekker met onze vrienden aan het BBQen zijn en er volop gezelligheid is. Dat we lachen en grapjes maken, we samen plezier hebben, heerlijk gek doen! Dat ik op een gegeven moment verbaasd zeg ‘Hé! Hij staat er weer..’ kijkend naar een felle ster en dat er dan iemand terug zegt ‘..ja, hij is er bij’ en dat er vervolgens een mooie tere stilte valt van een paar seconde (geen ongemakkelijke), totdat er iemand weer een grapje maakt en we door gaan met dollen. Een heel bijzonder moment. Zo moet het zijn… Lachen en gedenken. Jezelf kunnen zijn bij hele lieve waardevolle vrienden. Zonder hen waren we niet zo ver gekomen….

Koester elkaar, wees lief voor elkaar. Lachen en huilen, in voor en tegenspoed. Dát is echte vriendschap. Naast mijn oude vertrouwde vriendinnen die er altijd voor me zijn (geweest), heb ik er een paar hele goede nieuwe bij. En de mannen, blijven mannen, maar ze zíjn er wel!!!! Ik denk echt dat het zo ‘goed’ met ons gaat mede dankzij hen. De vele avonden dat we zijn opgevangen, dat we gezelschap werden gehouden. Dat er na zo veel maanden nog steeds zo veel liefde en begrip voor ons is. Dat ze willen luisteren, dit nog steeds willen lezen en ze met ons meeleven. Gewoon er voor ons zijn. Maar bovenal dat ik er over mag praten, dat ze niets uit de weg gaan of weglopen, dat ik zijn naam mag zeggen. Dat voelt zo goed. Ik hoop echt dat ze weten hoeveel het me doet. Hoeveel ik om ze geef en hoe emotioneel ik er van kan worden. Ik had het namelijk niet kunnen bedenken dat het zo zou zijn. Petje af voor degene die achter ons staan!!!! Ik kan alleen maar hopen dat ik het zelfde voor hen kan doen, in welke situatie dan ook. Dat zij zich net zo prettig en veilig bij mij voelen als ik bij hen. Feeling blessed; niet alleen met onze vrienden en vriendinnen, maar ook met de buurvrouw die een praatje maakt, m’n oude studiegenootje die zonnestralen blijft sturen, een vriendin van m’n moeder die élke dag berichtjes stuurt vanaf dat het gebeurde, Michel’s nichtje die een record aantal kaartjes heeft verstuurd en iedereen die ik nu even niet benoem maar die weten dat ik het over hen heb (inclusief familie). Het liefste noem ik iedereen bij naam, maar ook dan zal ik vast iemand vergeten. Zo rijk zijn wij namelijk. Zo goed worden wij gesteund in deze moeilijke tijd… Soms kan ik niet verdrietig zijn, omdat ik dit nooit ervaren had als Alex* niet was overleden. Hoe dubbel en moeilijk is dat?! Ik wil graag geloven dat hij bij vele mensen iets te weeg heeft gebracht. De korte kus die hij op aarde heeft gebracht, en nu trots vanaf zijn ster kijkt hoe het er hier door hém aan toe gaat. Allemaal schitterende mensen om ons heen. Ik hoop dat hij dat ziet… ..Ik hoop dat jullie het zien.

Schaduw 

Een aardige dag. Ik merk dat de vakantie me goed heeft gedaan. Het lijkt alsof ik weer in een nieuwe fase beland ben. De eerste werkdagen zitten erop. Hoewel ik moeite heb met het weer meer alleen zijn, gaat het prima. Ik mis Michel gewoon na zo’n vakantie waarin we elkaar dag en nacht zien. Zelf vind ik het ook wel weer heerlijk om te werken. Ik merk dat ik het fijn zou vinden om weer wat meer uren te krijgen. Ik denk dat ik er aan toe ben. Uiteindelijk is werken nog steeds de beste afleiding. Niet dat ik niet meer aan Alex* wil denken, maar ik wil wel dat de tijd wat harder gaat. Ik hoor mezelf namelijk nog zeggen toen het net gebeurde ‘waren we maar een half jaar verder’. Ik wist namelijk toen al dat tijd wonden heelt, dat het niet eeuwig zo’n pijn zou blijven doen. En dat klopt, het doet minder pijn na een aantal maanden en na onze vakantie. Hoewel dan dus thuis de muren in m’n eentje nog steeds redelijk op me af komen, is het een ander soort pijn geworden. Niet meer die wanhoop van ‘hoe kan dit?!’ ‘Waarom wij/hij?!’ ‘Hoe gaan we dit verwerken?!’ Nee, nu is het vooral het pure gemis, het fantaseren over hoe het zou hebben geweest of zou kunnen zijn, de verlangens, het ongeduld en het schuldgevoel. Alex* is er niet meer, en dat is in en in triest, maar hij gaat er ook nooit meer komen. Ik heb een manier moeten vinden om dat te dragen. Telkens als ik afrol naar donker verdriet daarover denk ik aan wat een kennis tegen me zei waar ik nog iedere dag dankbaar voor ben: ‘Alex* is een oude ziel die nog één keertje bij een liefdevol gezin wilde horen, voordat hij klaar was op aarde.’ Ik weet niet of ik het geloof, maar blijkbaar geeft het mij zo veel troost, want ik denk er veel aan. Het geeft me rust. Ik dam er m’n schuldgevoelens mee in. Ik heb namelijk vreselijk last van mijn eigen kracht, relevatie en nuchterheid. Als ik mezelf vergelijk met sommige lotgenoten (niet allemaal) dan voel ik me best wel eens rot. Ik lijk positief er in te staan, ik heb nog hoop, ik heb amper haatgevoelens en ik heb minder moeite met loslaten dan anderen. Het lijkt dan net of ik er al overheen ben in vergelijking met anderen. Ik weet zelf heus wel hoe het echt zit en dat er nog donkere dagen zijn. Vanmorgen zeg ik nog stoer tegen een lotgenoot dat ik leer me minder druk te maken om wat anderen van me vinden, maar toch raak ik nog steeds in de war van m’n eigen emoties ten aanzien van hoe anderen het doen. Het lotgenootje vroeg of ik herkende dat het lijkt alsof mensen je zielig vinden. Ieder mens is uniek en ieder mens reageert anders op de situatie. Je krijgt medelijden, medeleven, maar ook onverschilligheid. Wat wat is, is soms moeilijk te onderscheiden. Ik vind het zelf lastig te zien als ik anderen zie worstelen. In de stad kom ik een kennis tegen met haar drie prachtige dochters, waarvan de laatste pasgeboren. Ik ben enthousiast en nieuwsgierig (want ik heb een goede dag), maar het lijkt of zij niet weet hoe te reageren op mij. Misschien overval ik haar, misschien is ze verbaasd dat ik er zo ‘goed’ mee om ga en er goed uit zie, misschien zie ik zelfs een tikkeltje schuldgevoel van haar kant. Dat ze zich ongemakkelijk voelt dat zij daar met haar drie dochters loopt en ik alleen met Demian. Ik weet het niet, ik ken haar niet goed genoeg om haar te kunnen ‘lezen’, maar van beide kanten zie je hersens kraken en lijkt ze niet op haar gemak. Wat het met mij doet? Ik ben blij voor haar, haar kinderen zijn prachtig, ik hou nog steeds van kinderen. Ik gun het haar en ik vind het moeilijk dat zij niet op haar gemak lijkt te zijn bij mij. En nee ik ben niet zielig, want ik heb nog hoop en ik heb zelf ook twee prachtige kinderen. Ook al zie je er maar één, de ander is onlosmakelijk met me verbonden. Hij leeft in mij, naast mij als een schaduw en in alles om me heen. Hij is altijd bij me in welke vorm dan ook. Dat maakt mij een vreselijk trotse mama, het is het stukje berusting in m’n verdriet. Hij is hier, ook al zie je hem niet, hij hoort erbij. Ik maak het mezelf daar makkelijker mee, want ik moét door. Ik vind mezelf op zo’n dag niet zielig en dan hoeven anderen dat ook niet te vinden. Medeleven en begrip is altijd fijn en ook die krijg ik nog steeds. Op een geboortekaartje bij ons op de mat stond op de achterkant van de enveloppe ‘we denken aan jullie’. Ontroerd door dat simpele zinnetje van liefde, maar ook verdrietig omdat andere rekening met ons willen houden tijdens hun eigen vreugde. Het geeft alleen maar aan hoe groot de harten van sommige mensen zijn, maar ik baal er soms wel van dat wij een smet zijn op andermans emoties. Ik wil niemands geluk in de weg staan, ik wil dat men onbezorgd met mij kan delen. Ik denk dat dat is wat het lotgenootje bedoelde met niet ‘zielig’ gevonden willen worden. Complimenten zijn wat dat betreft heel prettig als men het niet weet hoe te reageren, zodat ik toch nog even de bevestiging krijg dat ik gezien wordt, ondanks ik leer dat alleen mijn mening echt telt. Op zo’n dag als vandaag straal ik, voel ik me sterk, vol hoop, verlangens en ideeën. Verschillende zwangere vrouwen zie ik voorbij lopen en ik weet dat het voor mij nog niet te laat is. Ik merk dat ik er aan toe ben, dat Alex* rust in dat plekje in m’n hart. Trots op m’n tattoo waar iedereen hem kan zien. Er wordt zelfs wat met me geflirt in deze goede bui. Alles verloopt zoals ik wil in de stad, nieuw telefoonabonnement, cadeautjes (geen moeite meer met babywinkels), mooie pasfoto van Demian, mooie stropdas voor een aankomende bruiloft, alles gaat voorspoedig, behalve die kleine botsing. Deze handige Harry probeerde met de dakkoffer nog op de auto de lage parkeergarage in te rijden, oeps! De zelfde auto waarvan ik vanmorgen het portier opende en waar een klein wit vlindertje uit kwam fladderen. Waarschijnlijk een kleine verstekeling uit Frankrijk. Misschien was het dit hoopvolle Alex*-vlindertje wat me deze goede bui heeft bezorgt, misschien was het dat lotgenoot die zei dat ik haar nieuwe heldin ben, misschien ben ik het zelf die nieuwe levenslust voelt. Maar ik voel me goed, en ik kan nu ook oprecht zeggen tegen anderen dat het goed gaat, als de vraag gesteld wordt hoe het met me gaat? zonder dat ik lieg. Dat geeft een fijn gevoel, maar ook een schuldgevoel. Alex* lijk ik wat meer los te laten en me klaar te maken voor de toekomst (carrière, baby’s, huis, feest). Dan denk ik weer, waren we maar een paar maanden verder, want dan weet ik beter hoe het eruit gaat zien, en zal ik me weer anders voelen. Ongeduld is een vreselijke emotie. Onwetendheid ook. Schuldgevoel is het ergste. Loslaten en doorgaan, en nooit zal ik hem écht loslaten, maar dat je ervaart dat de pijn minder wordt, je energie stijgt, je plannen veranderen, dat je je aanpast, dat is een nare bijkomstigheid van rouw. Want weet mijn ventje dan wel, hoe verschrikkelijk veel ik voor altijd van hem hou???!