Balans komt me mn neus uit!

Dit schreef ik afgelopen maandag voor mezelf: 

“Ja hoor, het is weer zover! ..Het vallen van de bladeren. Waarom heeft dat toch altijd zo’n invloed op mijn humeur? Ondanks de mijlpaal van vandaag, 24 weken: levensvatbaar, voelt dit najaar als de Mount Everest. Hoe moet ik die gaan beklimmen? Het lijkt wel alsof ik geen kracht meer heb. Ik weet niet meer hoe ik sterk moet zijn. Bij elke tegenslag stort ik in. Elke poep of scheet brengt me uit balans. Dan roep ik heel hard ‘ik ben er klaar mee!’ Waarmee? Alles! Het leven, ons leven, tegenslag. Ik vind dat we wel genoeg hebben gehad. Wanneer loopt het nou gewoon weer eens lekker? Wanneer houdt het nou eens op? Ik ben er niet meer tegen bestand. Ik wil gelukkig zijn, niet meer verdrietig, angstig en bezorgd zijn. Ik wil genieten van mijn gezin en leuke dingen doen. Ik vind dat we dat verdienen. Maar zo werkt het leven niet hè? Je hebt niet te kiezen wat je overkomt en wat je meemaakt. Je kunt alleen kiezen hoe je er mee omgaat. En nu ik éven niet meer weet hoe, voel ik me verloren en kwetsbaar. Mijn weerbaarheid is aangetast. Hierdoor stel ik belachelijk hoge eisen aan mijn omgeving. Zij moeten me helpen, zij moeten het maar voor me oplossen, me er doorheen slepen. Maar ook zo werkt het niet hè? Ik zal zelf moeten blijven knokken. Dag voor dag, iedere dag. Stap voor stap. Vallen en opstaan, huilen en doorgaan, totdat ik hierdoor heen ben en heb geleerd dat ik alles aan kan. Of heeft het leven nog meer onheil voor mij in petto? Wachten op betere tijden is zooo moeilijk. Komen die namelijk wel? En wat doe je in de tussentijd? Proberen te kijken naar de kleine positieve dingen, daar je kracht weer uit putten? Maar die kracht is zo fragiel dat het super snel breekt. Ben ik dan sterk of zwak? Zielige zelfmedelijden? Ik weet het niet. Ik weet alleen dat ik door moet. Opgeven is voor mij geen keus… ..maar ik vraag me altijd af wanneer een mens zijn grens bereikt? Altijd bang dat ik niet meer op kán staan, gewoon omdat het genoeg is… wat is genoeg? Soms zie ik het leven niet meer zitten en komen er hele enge gedachten in me op..”

Hulp bij zelfdoding is nu heel veel in het nieuws. Ondanks dat ik dan (zoals afgelopen maandag) het gevoel heb dat ik de bodem van de put raak, en dat er dan zelfs onder die bodem soms nog een kelder blijkt te zitten, begrijp ik zelfdoding niet. Hoe kan iemand zichzelf daar echt toe zetten? Begrijp me niet verkeerd, het is niet dat ik er tegen ben, iedereen moet dat zelf kunnen bepalen en dat de gedachte er is kan ik me ook goed voorstellen, maar ik vraag me af: wat maakt iemand zo wanhopig er echt een eind aan te maken? Heb je dan dus je grens bereikt? Waar ligt die grens? Dat is voor iedereen waarschijnlijk anders, maar de wetenschap dat grenzen wórden bereikt is wel heel triest. Dat je geen uitweg meer ziet, geen kracht meer hebt, geen hulp kan/wil krijgen, totaal tegen je natuurlijke overlevingsdrang er een eind aan maakt. Het intrigeert me…. wat is het limiet???

Ik vind het leven heel erg oneerlijk. Maar is het oneerlijk voor iedereen? Maakt dat het dan weer eerlijk? Of is het echt zo dat alle ellende de goede mensen overkomt? Je kan daar op zeggen ‘je krijgt wat je aan kan’, maar daar zit dan dus denk ik toch een grens aan. Hoeveel kan een goed mens aan??? Waar haal je keer op keer de kracht vandaan??? 

Ik heb in mijn opvoeding geleerd om dankbaar te zijn, om sterk te zijn en om me op liefde te richten. Voor mij zijn dat de dingen die me overeind houden. Ik geloof niet dat er voor alles een reden is, maar ik geloof wel dat er altijd weer zon na regen komt, of op z’n minst een regenboog… dat móet ik van mezelf geloven. Zolang ik dankbaar ben voor de kleine dingen en ik me bedenk dat het altijd nog erger kan, kan ik meestal relativeren en tóch weer opstaan. Ik zelf heb die put blijkbaar ook nodig om weer door te kunnen gaan. De woorden dramaqueen, zelfmedelijden en doorzettingsvermogen komen ook in me op, hoewel ik niet probeer te oordelen over anderen!!! Ik kan écht niet voor een ander praten, want ik loop niet in de schoenen van een ander, iedereen beschikt over zijn eigen tools, maar voor mij geldt: het is alweer vrijdag en ik ben toch weer uit mijn put gekrabbeld… ik hoop dat een ieder die in het donker zit, dit ook lukt!!!!!!!!!! En ik hoop ook dat er lichtjes zijn voor deze mensen. Zelf wil ik zo’n lichtje voor een ander zijn, hoewel het dan wel weer heel moeilijk is om zo te schijnen als je eigen lampje uit is… (hoor je mn hersens kraken???) Willen helpen, maar niet kunnen helpen, omdat je zelf de kracht niet hebt of omdat je gewoon niets aan sommige situaties kunt veranderen. Ergens is het ‘ieder voor zich, op eigen krachten’, maar ergens willen we ook ondersteunen. Hoe doe je dat? Wat moet je zeggen of doen om een lichtje te kunnen zijn voor een ander?? En moet je daar altijd zelf volledig voor op orde zijn?? Bij zoiets als rouw (om wat voor verlies dan ook) zijn dit hele ingewikkelde vraagstukken. Hoe kan je iemand een reddingsboei toegooien als die er niet is of als je hem zelf te hard nodig hebt? (Mijn hersens kraken nog steeds…) Ik denk dat, zoals altijd, het wel weer een mengeling zal zijn: je hebt én anderen nodig die je helpen je kracht te geven én je moet bij jezelf een kracht kunnen terugvinden om te kunnen overleven… je zal én voor jezelf moeten zorgen én voor je naasten… Balanceren is een levenskunst!!! 

Advertisements

“Because the night is dark and full of terrors”

3.11 uur zie ik op de klok. Hoe lang heb ik dit keer geslapen? 0.22 uur zag ik voor het laatst. Hmm toch weer bijna 3 uur aan één stuk geslapen. Langer dan anders. Hoe lig ik? Voel ik hm nog? Moet ik plassen? Droge mond… In het donker ben ik weliswaar versuft, maar mijn brein werkt op volle toeren. Ik kan de vinger er alleen niet op leggen. Al weken slaap ik super slecht. Ik maak hazenslaapjes van om en nabij twee uurtjes achter elkaar. Ik zie vele cijfertjes op de klok voorbij komen ‘s nachts. Ik kom niet in een diepe slaap. Ik snap het niet.. Ik ga op de bedrand zitten. Ik pak mijn flesje water van het nachtkastje: dorst! Ik neem flink wat slokken, maar de spanning in mijn lijf neemt toe. Ook dit is al weken aan de orde, veel dorst, veel plassen. Een vicieuze nachtelijke cirkel. Zorgen daarom, een teken van zwangerschapsdiabetes? Maar dat heb ik niet. Ik hou elke week braaf mijn dagcurve bij met mijn eigen prikkertje. Tot nu toe zijn al mn waardes nog steeds goed.. Ik sta op en loop naar de wc. En dan… Bam! It hits me.. ik begrijp het! Mijn eigen psycholoog in me wordt wakker… Flashbacks terroriseren mijn nachtrust!!!

Flashback: We zitten in het eerste kamertje aan het begin van de lange gang. ‘Zo mevrouw’ zegt de mannelijke gynaecoloog. ‘U heeft zwangerschapsdiabetes’ hij kijkt in mijn dossier, naar de uitslagen van de onderzoeken. Er is geen emotie bij de man, hij is nogal nors en autoritair. Ik wil protesteren, maar hij heeft zijn diagnose al gesteld… Na de vingerprik bij de verloskundige tijdens een normale controle bleek mijn suiker iets te hoog. 7 punt nog wat was het geloof ik, maar ik had nét een speculaasje opgegeten bij mijn schoonmoeder. Ik weet het nog goed, wat nou suiker? Toch vertrouwde ze het niet en stuurde ze me door. Ik moest een smerige OGTT test doen in het ziekenhuis waarbij je ‘s ochtends op een lege maag een heel vies glucosedrankje moet drinken. Daarna moet je twee uur zitten wachten (in ons ziekenhuis mag dat op de voor de zwangeren aanwezige zachte-groene-beter-zittende-stoelen-dan-de-houten-stoeltjes). Ik zie er tegen op. Nuchter zijn is iets wat ik niet goed kan, zwanger zijnde al helemaal niet. Dat vieze drankje spuug ik naar mijn idee ook zo weer uit. Misselijkheid is een rode draad door deze zwangerschap. Mijn zus komt me beneden bij de bloedpoli gelukkig even vergezellen en afleiden voor een half uurtje tot ze echt weer aan het werk moet boven. Daarna gaat het wel en lees ik en luister ik muziek. De tijd gaat nog redelijk snel. De waardes in mijn bloed zijn daarna niet goed. 11 geloof ik. Niet mega hoog, maar wel hoog. Ik moet vervolgens naar de diëtiste. Ik krijg uitleg over de ‘ziekte’. Als fysio en als schoonzus van een zwager met diabetes type 1 weet ik wel hoe het zit, maar toch leer ik wat nieuwe dingetjes. Zwangerschapssuiker heeft niet alleen met fabriekssuikers te maken, maar ook met fruitsuikers, lactosesuikers en koolhydraten. Kortom, je kan dus eigenlijk niets meer eten. Ik mag nog maar een halve banaan per keer, een half glas melk, ik moet acuut stoppen met het drinken van ice-tea green, yakult en roosvicee laxo (ja maar en mn pds-darmen en obstipatie dan?!), stoppen met alle zoete dingen, ik moet elke twee uur kleinere porties eten en ik moet blijven bewegen. Oké dan! Ik hou me netjes aan de regels, hoewel ik wel gewoon mijn boterham met pure hagelslag in de ochtend blijf eten (kaas krijg ik echt niet weg!). Het blijkt genoeg te zijn, stoppen met liters ice-tea was al een hele vooruitgang. Twee weken later meld ik me nuchter en twee uur na elke maaltijd in het ziekenhuis voor een vingerprik om mijn dagcurve te meten. Ik vind de waardes goed, maar blijkbaar moeten de streefwaardes nóg lager als je zwanger bent… Ik wordt dus gebombardeerd als patiënt en wordt medisch. Op het matje dus bij de norse gynaecoloog….

‘Mevrouw ik ga u medicijnen voorschrijven, u moet naar de diabetesverpleegkundige en naar de internist’ hij schrijft twee verwijzingen uit. Ik ben nogal van de kaart. Hij heeft duidelijk een rothumeur en weinig tijd, uitleg blijft uit. Hij voelt nog even aan mijn buik en mompelt iets over grote buik en slappe buikspieren (Ahum, bedankt meneer). ‘Over het geboorte gewicht van uw eerste kind valt te discussiëren’ (hoezo?! Wat bedoelt u? Hij was netjes 3500 gram?! Waar hééft u het over?) verontwaardigd, maar ik hou mn mond. ‘We gaan dit kindje halen met 38 weken anders gaat hij dood in de baarmoeder? (WAT zegt u? Dood?? Dat zeg je toch niet zo? En wat bedoeld u met ‘dood’? Hij wordt hooguit iets te zwaar, dan gaat een baby toch niet dood? En hallo!!! Ik heb helemaal geen suiker!!!!) maar weer hou ik braaf mijn mond… met de staart tussen de benen druip ik af. Wat was dit nu weer? Wat een stomme vent! Paniek? Nee joh die man is niet goed wijs… maar hij heeft de toon gezet. Hij druist tegen al mijn moedergevoelens in. Ik héb geen suiker, ik wil geen medicijnen en dit slaat helemaal nergens op!

Ik maak een afspraak bij de diabetes verpleegkundige. Een verademing, ze is vriendelijk en ze kent mijn zwager goed. Ze legt alles uit, ze schrikt van de opmerkingen van de gyn ‘wat belachelijk om te zeggen’. Ze stelt me gerust. Ik ben een twijfel geval, mijn waardes zijn niet super hoog, ik hoef de medicijnen nog helemaal niet te gebruiken (dat wilde ik ook helemaal niet, het liefst zo min mogelijk troep als je zwanger bent). Ze zegt dat ze hem gaat confronteren met zijn uitspraken. Ik krijg een suikermeter mee voor thuis en ik moet mijn waardes bijhouden en per mail aan haar doorgeven. Ondanks de feestmaand gaat het me goed af, ik eet suikervrije chocola en hou me aan mijn dieet. Ik heb constant honger, maar ik wil geen risico lopen. Toch blijft de opmerking ‘anders gaat hij dood’ in mijn hoofd spoken. Samen met dat onheilspellende gevoel wat ik al heel de zwangerschap heb, is dat geen goede combinatie. Ook zijn de schopjes minder voelbaar. Ik voel me ongerust, maar ik wimpel mijn eigen intuïtie weg, het komt door die man, die is in mijn hoofd gaan zitten en heeft me bang gemaakt. Ook Michel stelt me keer op keer gerust, hij is optimistisch ‘nee joh alles komt goed, maak je niet druk’. 

Maandag 16 december: ik ben weer terug bij de gyn. Hij heeft duidelijk een standje gehad van de verpleegkundige. Hij is een stuk vriendelijker en geeft toe dat het allemaal niet zo erg is. Mooie lage waardes. Mokkend geeft hij toe dat hij de medicijnen te vroeg uitschreef, maar dit is een man die dat niet goed kan hebben, alsnog is hij niet blij dat ik ze op eigen houtje niet ingenomen heb. Ik heb zijn gezag ondermijnt. Hij blijft autoritair en ik vind hem menselijker dan vorige keer, maar nog steeds niet empatisch. Ik krijg een echo. De baby groeit goed (normaal) 2500 gram is hij nu ongeveer, ik ben 34 weken, hij zal dus rond de geboorte op 4000 gram uitkomen (niet gek voor een tweede jongen). Hij zwaait nog even naar ons. Ik ben opgelucht, ik heb het onder controle, de gyn is bijgedraaid. Als ik na de feestdagen bij de internist ben geweest en ik krijg groen licht, ben ik niet meer medisch en mag ik terug naar de verloskundige. Wat een storm in een glas water zeg!!! Diepe zucht…. mooie echo though… (de laatste)

Maar toch, het blijft aan me knagen. Mijn gezondheid, mijn intuïtie, die verdomde rot zwangerschap, waarom ben ik er nou niet goed in? Ergens die week gaat het mis. Ik voel de baby steeds minder, maar ik stop het weg onder druk van mijn eigen misplaatste en ingepraatte angst en de druk van de optimistische buitenwereld (Michel) ‘die man heeft je gewoon bang gemaakt’, hij verzekerd me dat het goed is met de kleine. Ik hou mezelf mega druk, ik blijf in beweging want dat moet en iedereen vindt me een aansteller dus ik moet door. Afleiding afleiding afleiding. Als ik hem niet voel wijt ik het aan de drukte die ik voor mezelf heb gecreëerd. Ik wieg hem constant in slaap met mijn gebeweeg. Ik weet alleen niet goed meer wanneer ik hem nou voor het laatst goed heb gevoeld. 

Dinsdag 17 december: ik zit uit te rusten op een metalen bankje beneden in de passage van het stadshart. Ik kan niet meer, ik moet stoppen met shoppen. Ik drink wat en app een jarige vriend. Ik kan niet meer. Ik voel hem niet. Ik voel alleen pijn. Harde buiken? Hij zal vast weer slapen. In de auto luister ik heel veel en heel hard naar Justin Biebers ‘I’m sorry’. Ik dans op mijn autostoel en ik blèr mee, gesterkt door de wetenschap dat ik goed bezig ben en de zwangerschap bijna over is! ‘Optimistisch blijven!’ zeggen al die stemmetjes van anderen in mijn hoofd. Ik ondermijn mijn eigen onvertrouwen. Ik mag niet luisteren naar mezelf, ik maak mezelf gek, ik ben gek, ik ben een doemdenker, een pessimist, mijn gevoelige gevoel mag er niet zijn. (Aangepraat door mezelf en door mijn omgeving). Michel werkt zich een slag in de rondte (met oud jaar denkt men altijd dat de wereld vergaat en wil iedereen een nieuwe kast). Eigenlijk trek ik het niet meer, maar ik moet door. Voel ik hm nou wel of niet bewegen? Ik vertrouw het echt niet meer…

De nacht van vrijdag op zaterdag, 18 op 19, lig ik wakker. Ik por in mijn buik. Doet ie t of doet ie t niet? Demian is uit logeren want ik trek het niet meer, ik ben zo moe, alles doet pijn en Michel moet de hele zaterdag werken. Ik bespreek ‘s ochtends vroeg mijn twijfels, maar hij moet weer snel naar z’n werk. Ik slaap wat bij en ga wat doen. Ik kan mijn gecrashte, maar nu weer gemaakte computer, bij een vriend ophalen. Mooi, want ik moet de geboortekaartjes nog doen, heb nog steeds niets naar Mn zin met olifant kunnen vinden, balen! Ik haal mijn computer op, koop 5 rollen beschuit bij de supermarkt (muisjes had ik al van de Makro) en rij door naar mijn ouders….

‘Als je het niet vertrouwt moet je nu gaan bellen!’ Zegt mijn moeder nogal dringend als ik haar vertel over mijn aanhoudende onzekerheid. ‘En ik ga met je mee’ Ze blijkt mijn redding, ik krijg ‘toestemming’ om mijn eigen moederinstinct toe te laten, ik moet aan de bel trekken want het klopt niet, ik vertrouw het niet, mijn gevoel mag er zijn.. Ik mag me meteen melden in het ziekenhuis en zeg tegen Demian ‘mama is zo weer terug..’ 

We weten allemaal hoe dat afgelopen is…

En nu lig ik dus al weken wakker. Geteisterd door dit stukje. Zwangerschapsdiabetes, mijn eigen intuïtie, moederinstinct, gevoeligheid en de buitenwereld. Ik snap nu eindelijk waarom ik niet in diepe slaap kom en blijf. Ook dit is een onverwerkt trauma. Ik sta constant op scherp. Voel ik hm nog? Is het mijn schuld? Wat zegt mijn intuïtie? Ergens in de zwangerschap van Alex* ging het mis, misschien pas die laatste week, misschien al eerder. Misschien was het al te zien op die laatste echo. Maar ik verwijt mezelf nog steeds van alles.. waarom trok ik niet eerder aan de bel? Wat heeft de suiker er mee te maken gehad? Waarom kwam er een lek in mijn placenta? Ben ik te druk geweest? Elke keer als ik nu op mijn buik lig denk ik dat ik de baby plet, elke keer als ik op mijn rug lig denk ik dat hij zuurstof te kort komt door afgeklemde bloedvaten, elke keer als ik hm niet voel denk ik dat hij dood is, elke keer als ik hem heel hard voel denk ik dat hij heeft het niet naar zn zin en eruit wil, elke keer als ik dorst heb denk ik ‘Oh nee weer suiker’, elke keer als ik pijn voel denk ik dat mijn placenta scheurt…….

Geen wonder dat ik niet kan slapen!!! Ik ben gewoon bang… bang dat het ‘s nachts misgaat en ik het weer niet door heb. Ik geef mezelf de schuld. Mijn lichaam, mijn placenta, mijn late reactie-actie… ik wil kost wat kost op tijd zijn dit keer, ik wil constant mijn moederinstinct peilen. Ten koste van mijn nachtrust blijkbaar… 

Hoe vaak de gyn ook zegt dat het super zeldzaam is en ik er niets aan kon doen, toch blijven mijn flashbacks me achtervolgen. Mijn goede geheugen is nu mijn vijand, mijn gevoelige intuïtie mijn beste vriend. Als ik één ding heb geleerd is het dat ik altijd naar mezelf en mn eigen intuïtie moet blijven luisteren. Dat is het enige waar ik me nu aan kan vastklampen door alle angst heen. Ik moet op mezelf bouwen, vertrouwen dat ik dit keer op tijd zal zijn. Dat is ook de reden waarom ik me min of meer afsluit van de buitenwereld. Ik wil geen goed bedoelde adviezen ‘je moet zus je moet zo’. Ik moet me kunnen concentreren, ik doe het op mijn manier. Mijn gevoelige gevoeligheid zegt me de waarheid! Geen garantie, wel een schrale troost om er doorheen te komen. Helaas is mijn gevoel ‘s nachts dus blijkbaar het beste meetbaar, spanning, stress, alertheid, maar daarna geruststelling… nog 15 weken te gaan! Ik kan het, ik kan het, ik kan het… ga slapen joh!  (met dank aan mijn psycholoog voor alle inzichten, ik kan bijna zelf psycholoog worden…) 


Een nieuwe fase

Het is weer tijd voor een stortvloed aan woorden. Ik krop ze allemaal op, ik wil niet schrijven en ik praat nauwelijks, maar dan ineens moet het eruit, ongeacht wat men er van zal denken. Want mijn god, wat ben ik nog steeds bezig met wat mensen van me zullen denken… Wat ik over mezelf denk is namelijk niet erg vriendelijk…Ik voel me falen, te kort schieten.. ik ben mezelf niet. Martine, die ik net weer een beetje had uitgevonden. De zwangerschap laat dat allemaal weer verdwijnen… in september dus maar weer opnieuw in therapie! 

Lieve Demian,

Ook voor jou wat nieuws. Wat zie ik er tegen op dat je aanstaande maandag voor het eerst naar de basisschool gaat. Wat zijn die vier jaar hard gegaan! Vier jaar waarin ik (momenteel) het gevoel heb dat ik als moeder heb gefaald. Het eerste jaar was leuk, ging perfect, een blauwe wolk, ik genoot van jou en ik had tijd voor jou. Totdat ik rond je negende maand twee banen nam. Ik dacht te investeren in een betere toekomst in een nieuwe praktijk, maar durfde de eerste drie maanden de schepen nog niet achter me te verbranden. Ik werkte dus dubbel en opa’s en oma’s waren meer met jou dan dat ik er was. Toch was je eerste zomervakantie op Ibiza geslaagd! Heerlijk genieten, heerlijk spelen, volop pret. Opladen voor wat komen ging: een helse verbouwing. We wilden graag een brusje, maar dan moest er eerst ruimte komen, een verdieping erop.. een verschrikkelijke aannemer maakte ons het leven zuur, wat voor de feestdagen klaar moest zijn, was pas in het voorjaar van het volgende jaar af. Bloed, zweet en tranen, 1 maand zouden we bij opa en oma logeren, dat werden er drie, en dat ging niet altijd even leuk. Jij ging toen voor het eerst naar het kinderdagverblijf, waar het afscheid elke keer weer een drama was. Wat voelde ik me een slechte moeder, vaak zat ik te huilen in de auto naar Mn werk. Was dit goed voor jou en mij? Jij en ik waren ook om de haverklap ziek in die periode. Papa en mama probeerde zwanger te worden, maar door alle stress en lage weerstand lukte dat niet. Een nieuwe baan, een rotverbouwing, niet ons eigen plekje, mama zat niet lekker in haar fel, stomme feestdagen…. In het voorjaar ging het dan eindelijk beter, het was af, het werd weer rustiger, we gingen met zn drieën een weekje in een huisje in Limburg bijkomen. Daar vonden papa en mama elkaar ook weer terug. Jij was bijna 2. Mama werd gelukkig ook eindelijk zwanger van Alex*, de misselijkheid verstoorde alleen al onze plannen. Ik kon niet werken, we konden niet op zomervakantie en jij was weer heel vaak bij opa’s en oma’s. Het ging weer wat beter vanaf week 16, maar mijn baan werd onzeker. Ik probeerde mezelf sterk te houden en mezelf te bewijzen, ten koste van jou. Voor jou had ik nog maar weinig energie, omdat ik telkens over Mn grenzen ging voor werk en de mening van anderen. Want ‘zwanger zijn is niet ziek, het is een houding’. In de herfstvakantie deden we een poging met mijn familie in Limburg, maar we werden alle drie hartstikke ziek. Mama’s laatste reserves vielen weg en ik ging weer de ziektewet in. Mijn baan kon ik vergeten, mijn contract werd niet verlengd. Er viel een last van me af en ik had weer meer energie voor jou. De feestdagen, het einde van de ellendige zwangerschap was in zicht, ons leven zou eindelijk weer voorspoedig doorgaan. Gezellig met z’n viertjes… niets zou ons dan nog in de weg staan voor een fijn en fit leven, tijd voor elkaar. 

Tot die mooie en vreselijke dag. Ik hoor het mezelf nog zeggen: ‘mama is zo weer terug!’ Ik ging met oma naar het ziekenhuis, maar kwam niet meer terug. Dié mama is ook nooit meer teruggekomen, je kreeg een rouwende moeder terug. Een Papa en mama met hevig verdriet. Een broertje die niets deed. Jij was pas 2,5… maar zo gevoelig en slim als je bent is het niet onopgemerkt aan je voorbij gegaan. Jij veranderde ook een beetje. Papa en mama hebben dat jaar gevochten, voor onszelf, ons huwelijk en voor jou. Maar het ging met vallen en opstaan, met veel hulp en met veel oppas. Het kinderdagverblijf is nooit je favoriete plek geweest, maar het ging. Het consultatiebureau hield jou en ons in de gaten. Maar jij was sterk en moedig. Behalve de poep problemen en de versterkte verlatingsangst bleef je het geweldig doen. Eten, slapen, spelen, lachen, groeien, leren… je was geweldig!! Jij hield papa en mama op de been, voor jou moesten we door. Je bent en bleef ons zonnetje met stralende en ondeugende lach, naast je mooie Sterrenbroertje. We probeerde je overal bij te betrekken, kinderboekjes over verdriet, dood en gemis. Mama was vaak uitgeput, en soms was je een blok aan Mn been, door de rouw was er weinig plek voor wat anders, maar ik kreeg weer steeds meer kracht door/voor jou in het voorjaar en doordat papa en mama samen in therapie gingen. We gingen weer leuke dingen doen. Een aantal weekendjes weg en de mooie vakantie in Frankrijk op de camping, we konden weer lachen en genieten! Er voor jou zijn. Daarna mochten we weer proberen zwanger te worden. Dat werd lastiger dan we dachten. Jij wilde zooo graag een broertje of zusje, want vele vriendjes en vriendinnetjes en je neefje hadden die ook. Vaak zei je ‘ik mis Alex*’.

Het zwanger worden lukte niet, mama had wel weer een leuke nieuwe baan voor een paar avonduurtjes maar het najaar kwam eraan. Spanning, stress, depressie, te lang sterk geweest, PTSS, mama moest opnieuw alleen in therapie, dit keer heftige EMDR. Ik moest hard aan mezelf werken. We vochten ons er doorheen. Het poepen bleef bij jou een probleem en het afscheid bij de crèche ook. Na de moeilijke en pijnlijke feestdagen en zijn eerste engelenverjaardag ging het beter, we kregen moed voor het nieuwe jaar. Ik vond jou en mezelf meer en meer terug, ondank dat een zwangerschap uitbleef. Ik had jou nog en dat besefte ik steeds beter!! We hadden nog een half jaartje samen totdat je naar school zou gaan en die wilde ik zo goed als ik kon leuk met je doorbrengen. Kinderboerderij, fietsen, dierentuin, ballenbak, theater, lunchen, spelen, we deden het allemaal… totdat mama na de geweldige tijd in Disney weer instortte door een oh zo gewenste nieuwe zwangerschap. Weer ziek, zwak, misselijk, spugen, ‘droge’ Hyperemesis Gravidarum, in de ziektewet. Alles afzeggen en missen, niet op zomervakantie, alleen maar op de bank/bed en bij de wc, een bijna-ziekenhuisopname door uitdroging. Jouw sterke Papa werkte zich uit de naad, jou overal naar toe brengen en halen, boodschappen, koken, jou douchen, naar bed brengen enz enz. Mama kon niets, kon niemand verdragen, maakte geen deel uit van deze wereld. Je was veel bij de opa’s en oma’s. Ik voelde me weeeer falen. Ik was er niet voor jou, er was geen ruimte voor Alex* en met de baby had en durfde ik nog niets te hebben. Mama erg depri, maar jij was veerkrachtig en optimistisch, vrolijk, lief en zorgzaam. Wist precies welke bak ik moest hebben om in te spugen. Van de éen op de andere dag was je ineens echt een grote jongen. Compleet zindelijk, aardig zelfstandig, minder verlegen en klaar voor school. Je vond het stom dat mama ziek was, maar je vond de baby gelukkig wel lief….

Nu gaat het gelukkig beter, we hebben samen alweer wat momentjes gehad, maar nu ineens is het dus ook zo ver.. maandag ga je naar school. De tijd is omgevlogen, een tijd waarin ons dingen zijn overkomen waar we geen invloed op hebben gehad. Mama heeft jouw welzijn altijd op één gezet, maar dat hield in dat ik mezelf ook aandacht moest geven. Zo snel en zo goed mogelijk weer sterk in mijn schoenen komen te staan, zodat we daar ons verdere leven plezier van zullen hebben. Niet bij de pakken neerzitten. We leren jou op te staan nadat je gevallen bent. Daarin willen we een voorbeeld zijn. Ouders doen niet altijd alles goed, maar wij doen wel ons stinkende best voor jou, omdat we zielsveel van je houden. Mijn grootste angst is dat je er iets aan overhoud, dat je meer voor mij zorgt dan ik voor jou, mijn psych zegt dan heel nuchter: ‘hij houdt er wellicht iets aan over, maar daar is dan ook weer therapie voor’. Ik hou je goed in de gaten hoor en ik probeer sterk te zijn voor jou! Ik vind het doodeng dat je naar school gaat. Ik mis je nu al. Het gevoel dat ik met lege handen sta, wordt versterkt doordat Alex* er niet is. Ik ben nu ook veel angstiger dat jou iets overkomt. Je krijgt een heel leven voor jezelf waar mama minder deel van uitmaakt. Minder tijd samen, tijd die ik achteraf veel beter met je had willen besteden. Maar ik kon het niet anders hebben gedaan, we hadden het niet altijd voor het zeggen en uiteindelijk denk ik dat je ook niets te kort bent gekomen, want je bent een heerlijk gezond ventje. Overvloedig veel liefde van je opa’s en oma’s en familie en een papa en mama die stapel gek op je zijn en je soms (uit schuldgevoel) misschien iets te veel verwennen. We zijn Zo ongelooflijk trots! Zo’n grote jongen! Jij bent nu zenuwachtig, voor je ninja-turtle feestje morgen en wat je te wachten staat op school. Ik hou mijn hart ook vast. Eerlijk gezegd vind ik het ook nog helemaal niks, die grote donkere wereld daar buiten. Maar ik moet je loslaten, ik kan je niet in bubbelplastic rollen. Je moet leren en ontdekken, dat is goed voor je, net als dat de crèche goed voor je is geweest (ja hoor, de laatste weken had je het er reuze naar je zin!). Jij hebt in je jonge leventje al zoveel levenslessen meegekregen, jij komt er wel! Het is nu wachten op je broertje, ook jij kan niet wachten, wachten duurt ook lang (zeker voor jou) ‘wanneer komt ie nou?’ ‘Eerst naar school, en dan na Sinterklaas als de kerstboom staat’, ‘ja maar bestaat Sinterklaas wel echt?’ (Uhhh… is dat een normale vraag voor een vierjarige?). Zo zie je maar weer dat een kind anders met dingen omgaat dan een volwassene, maar dat het indruk maakt en dat je niet gek bent wisten we al. Ook voor jou blijft het spannend ‘kan ik er nu wel mee spelen?’ Mama doet haar uiterste best om jou een levend broertje te geven, om daarin niet weer te falen. Maar als ik de mooie tekening zie die jij vier dagen terug hebt gemaakt, met daarop ‘papa’, ‘mama’ ‘Demian, ‘Alex*’ en ‘baby’ weet ik dat ik het in die vier jaar nog helemaal niet zo slecht heb gedaan…… 

Hersenbrij

Lieve Alex*

Het is zo vreemd. Dejavu. Het lijkt net alsof ik twee jaar terug ben in de tijd. Alsof ik word terug gezet, achter loop. Het is zo’n gekke gewaarwording. Alsof mijn leven twee jaar op pauze heeft gestaan. Verspild? Dat niet, maar feit is, dit ben jij niet. Jij bent er niet. Dit is een heel nieuw kindje. Wel degelijk de derde en twee jaar verder. En er mist iets tussenin. Mijn hoofd en gevoel kunnen het eigenlijk niet bevatten. Hoe werkt dit? Ik verlies jou en ik krijg er een andere zoon voor in de plaats. Precies in de zelfde periode, precies onder de zelfde omstandigheden…
Een naam voor deze nieuwe jongen hebben we al, maar t voelt als derde keus. Bij gebrek aan beter, bij gebrek aan jou…

Het is gewoon niet eerlijk, niet eerlijk dat jij er niet bent en niet eerlijk voor ‘t kindje in mn buik. Ik zal jullie los van elkaar moeten zien, maar dat is erg moeilijk als alles t zelfde is en gaat. Zelfs Demian is bang, hij wilde liever een zusje. Het had volgens mij niet uitgemaakt, het zou niet makkelijker zijn geweest. Ook een meisje had heel veel verschillende emoties met zich mee gebracht. Het blijft gewoon verschrikkelijk moeilijk, alsof dat hele rouwproces weer oplaait. De angst voor de toekomst. Blijft deze jongen nu wel bij ons? Krijgt Demian eindelijk een broertje om mee te spelen? Weliswaar 2 jaar later dan we dachten, maar goed, zal het? Kunnen we dit tot een goeie afloop brengen? En hoe gaat het dan daarna? Zal ik hem met jou blijven vergelijken, zal het extra pijn doen omdat het een jongen is? Of zal het ons beeld compleet maken, het is immers wat we verwachtten, wat we kennen. Het had net zo goed bewust ons derde kind kunnen zijn of hadden we het bij jou gelaten? Trek ik hem jouw kleren aan? Leg ik hem onder jouw dekentjes? Hoe moet dat dan?! De kamer veranderen we zoieso weer, want dat deden we voor jou na Demian ook. Omdat ik vind dat ieder kind zichzelf is en recht heeft op nieuwe aandacht. En dat is deze derde ook, nieuw, zijn eigen persoon. Dat voel ik heel sterk. Maar ja Demian en hopelijk deze derde leven en jij niet. Hoe betrekken we jou erbij, zonder dat het derde kind in jouw schaduw staat? Dat je broers niet hoeven op te boksen tegen het eeuwig dode kind? Het is ingewikkeld en complex en er komen zoveel gedachtes en emoties bij deze zwangerschap kijken. Normaal heb ik alles redelijk goed bedacht, een mening, een standpunt, maar nu weet ik niet meer wat ik moet voelen en denken. Ik moet er gewoon weer even een weg in vinden, zoals bij alles in dit rare onwerkelijke proces. Onze film. Een kind verliezen is enorm ingewikkeld. Wat ik nu weet is dat ik zielsveel van mijn derde zoon hou en me dolgraag aan hem wil binden. Jou wil ik daarbij niet verliezen, ik wil je niet vervangen. Je bent onvervangbaar. Waarom voel ik me dan zo verdomd schuldig? Waarom voel ik me dan opgelucht bij de wetenschap dat we weer een zoon verwachten? Voel ik me straks compleet of voel ik dat gat groter worden? Wanneer houdt het op? Is het ooit genoeg?

Ps. Mensen zeggen, ‘een kind neem je’, anderen zeggen, ‘een kind krijg je’. Ik heb daar een nieuwe aan toe te voegen: een kind verwacht je… met heel je hart en ziel. En als die verwachting niet uitkomt, weet je pas wat dankbaarheid is. Dankbaar voor het kind dat we verwachten, hopelijk in goede gezondheid, of t nu een meid of een jongen is, het maakt geen donder uit, als t maar bij ons mag blijven… elk beeld is te vervormen, je past je aan en ik tel mijn zegeningen. Rijk met drie zoons, wat de afloop ook is… 

19 juni 2017

Alweer anderhalf jaar geleden werd jij geboren. Het is zo raar hoe de tijd verstrijkt en hoe de scherpe pijn afneemt. Het is een bizarre ontwikkeling. Terwijl ik dacht dat ik nooit meer zou kunnen functioneren, lukt het me toch weer na al die maanden. Het rare is dat de beelden niet vervagen, die zie ik haarscherp op mijn netvlies. Ook het gevoel die deze beelden oproepen zijn nog steeds even heftig als toen. Hoe kan het dan dat het toch minder pijn is gaan doen? Deze kwestie blijft me teisteren. Je kind verliezen is één van de ergste dingen die je kan overkomen in onze westerse/rijke maatschappij, daar ben ik van overtuigd, maar toch leef ik nog. En zo vaak vraag ik me af, hoe? waarom? Toen het net gebeurd was wilde ik mij het liefst bij hem voegen. Michel bij Demian, ik bij Alex*. En ook dat is zo vreemd aan de hele gebeurtenis, de vragen over de dood. Waar is hij? Wat doet hij? Is hij ergens? Zullen we elkaar weer zien? Ik zat mijn lievelings film ‘The Gladiator’ te kijken, waarin op het eind de man herenigd wordt met zijn vrouw en zoon in het Elysium. ‘I will see you again, but not yet… not yet’ zegt zijn vriend die levend achterblijft. Zal Alex* op ons blijven wachten? Wat doen ze daar? Zijn ze vrij? ‘Now we are free’ is voor mij een houvast. De dood bevrijd ons soms…

Ik weet dat dit allemaal nogal vaag en donker overkomt, maar dat stukje van mij wat afgestorven is denkt zo. De liefde voor beide zonen splitst mij doormidden. Natuurlijk wil ik leven, hou ik van het leven, maar tegelijk is het ook zo oneerlijk en begrijp ik er geen snars van. Uit schuldgevoel komen deze gedachten in me op. Hoe kan ik Alex* alleen laten? Welke moeder doet zoiets? En als je wilt leven is dit dus iets wat je los moet laten. Erin geloven dat hij wacht, ons niet mist, in goede handen is, of simpel weg dat er geen hiernamaals is en hij gewoon weg is. Die nuchtere/wetenschappelijke ik is er ook nog steeds, maar het idee dat het zwart is en blijft en dat de natuur absoluut geen doel heeft maakt me zo treurig. Ik zoek naar troost, maar niets is goed genoeg, de vragen blijven. Nog altijd na anderhalf jaar. Is hij nog steeds de baby die stierf of groeit hij mee? Hoe had hij er nu uitgezien als 18 maanden oude dreumes? Ik mis dat, ik mis hem… Er is momenteel een reclame van burendag, een tranentrekker voor mij. Een klein meisje verspreid briefjes van haar vermiste olifantenknuffel en ze is heel erg verdrietig. Het eind is dan dat een buurvrouw er eentje namaakt en op miraculeuze wijze vindt het meisje dan haar olifantenknuffel terug. Ik weet niet of t komt omdat het om een olifant gaat, Maart het raakt me, alles is vervangbaar, behalve je eigen vlees en bloed…

Ik merk nu ik zwanger ben dat het gemis en schuldgevoel alleen maar weer groter worden. Alsof het hele rouwproces weer opnieuw begint. Ik voel me constant gefrustreerd en boos omdat Alex* er niet is. Nooit zal zijn. En de baby die ik draag had er waarschijnlijk niet geweest als hij leefde. Hoe kan ik dat goed praten? Ik wil hem niet vervangen! Ik wil gewoon een brusje voor Demian! (stampvoetend). Demian zelf wil t liefst een broertje, dan heeft hij er één in de lucht en één hier. Snel zegt hij er dan achteraan dat hij ook nog een zusje in de lucht wilt en eentje hier. Nou ik hoop dat natuurlijk niet. Er zijn al genoeg meisjes bij Alex*. Dan denk ik aan al die baby’s van lotgenoten die het zelfde lot delen. Sterren, vlinders en wolken, allemaal bij elkaar. Het is zooo oneerlijk!! En al die ouders gaan er anders mee om, iedereen doet het op zijn eigen manier. Er is geen goed of fout, het zijn simpel weg mijn eigen gedachtes die me terroriseren. Ik ben bang dat ze dat altijd zullen blijven doen, er zijn geen antwoorden. Alleen verlichting op dat moment dat ik ergens in geloof of troost in iets vind. Momenteel is dat vooral afsluiten van alles wat er gebeurd is. Het lukt niet, maar ik probeer het wel. Elke ochtend komen de flashbacks voorbij van de operatiekamer, de geboorte, de verre afstand tussen hem en mij, het binnen rijden van het ziekenhuisbed tijdens het einde van de reanimatie, onze families hartverscheurend verdrietig. En ik vraag me af, gebeurd ons dat weer? Zullen we nu wel ons kindje kunnen houden? Een geweldige paniek maakt zich dan meester van me. Ik wil er niet aan denken. Heen en weer gesleurd tussen hoop, angst, moed, verslagenheid en verlamming. Een vriend van mij zei ‘ik vind het zo dapper dat jullie het weer proberen’. En ja dat is zo. Het is een hele opgave. Maar dat is gezond leven, overlevingsdrang. Hoop, verlangen, (naïviteit) en liefde, zijn altijd groter dan die enorme angst, zo blijven we voortbestaan. Het kan ons toch niet nóg een keer gebeuren? En ik weet donders goed dat dit wel kan, het leven is onrechtvaardig en helemaal niet leuk. Ik huil constant om alles, Londen, Manchester, Romy en Savannah. Maar we moeten t proberen. Ik kan niet mijn leven alleen maar uitzitten, ik zal voor die lichtpuntjes moeten vechten. Nog een tegenslag overleef ik niet, maar dat zien we dan wel weer. Er is altijd een weg naar vrijheid, we komen en we gaan, maar wat voor zin het heeft? Gooi dat maar in mijn pet!!!

Ps. Ik ben enorm dankbaar voor alle steun en hulp die wij mogen ontvangen. Iedereen die ons een hart onder de riem wilt steken. Mij er doorheen sleept. Elke week ligt er wel iets in de brievenbus, krijgen we lieve berichtjes en telefoontjes. Ik haal daar een ongekende kracht en inspiratie uit! Dank jullie wel!!

Dit gedichtje kreeg ik onder andere toegestuurd en hij is zo mooi dat ik hem graag met jullie wil delen: 

Wat een dag

Zal straks de zon

Gaan schijnen

Door de wolken

Snel verdwijnen

Wat een dag
Lach je lach

Als vandaag

Verdwijnt in morgen

Ben je blij

Heb je zorgen

Lach je lach
Want je zag

Dat je samen

Ver kunt komen

Veel verder

Dan je dromen

Want je zag
Dat het mag

Op een ander

Veel vertrouwen

Waar je steeds meer

Van gaat houden

Ja, echt dat mag
Wij geven wolken

De kleuren van de regenboog

De tranen die je eerst zag

Geef die maar aan een regendag

Regendag
O, de dag

Als alles moeilijk lijkt

Zodat die dag de zon

Niet stralen mag

Kop op en lach
Straks zal de zon

Weer schijnen

Door de wolken

Snel verdwijnen

Een nieuwe dag
Het is morgen

Weer een nieuwe dag

Als ik maar bij je

Blijven mag
Hoopvol zeggen Michel en ik dagelijks tegen elkaar dat we volgend jaar weer zullen genieten…

Gister was het Vaderdag. Michel is de beste papa die er is! In elk opzicht…

Waar sprookjes tot leven komen

Er was eens een prinsesje. Zij ontmoette de prins, maakte het een en ander mee en daarna leefden zij nog lang en gelukkig. In maar weinig sprookjes zien we hoe het verder gaat. Wat is ‘nog lang en gelukkig’? Trouwen ze, wonen ze samen, krijgen ze kinderen? We weten het meestal niet. Ons leven was werkelijk een sprookje voordat Alex* overleed. Natuurlijk de gebruikelijke akkefietjes, maar nooit niet gelukkig. Ik dacht dat het voor altijd was…En toen onze droom woest verstoord werd wist ik dat ‘gelukkig zijn’ hard werken zou worden. Geluk komt niet aanwaaien, je zal er toch echt zelf wat van moeten maken. En dat deden we, met therapie, samen en alleen, schrijven, werken, praten en doorgaan. Wij bleven aan ons sprookje werken, vastberaden om ‘ze leefden nog lang en gelukkig’ waar te maken. Ondanks de zware storm waarin we ons bevonden. Het was en ís niet makkelijk. Maar wij horen bij elkaar en Demian bij ons. Alex* is daar ergens tussen verweven, maar nooit meer compleet en nooit meer zoals het was. Geluk heeft een andere betekenis gekregen. Niet te koop, de kleine dingen hebben meer waarde gekregen en familie en vrienden van grote betekenis. In liefde gaan we door, want ondanks alles ben ik een hopeloze sentimentele romanticus die blijft geloven in een happy ending. And they did lived happily ever after….

Het is nog donker, ik kijk op mijn telefoon die op het nachtkastje ligt: 4.00 uur. Jezus! Kan het nog vroeger? Moet ik al? Ik woel in het veel te kleine bed. De dekens zijn dik en zwaar en overal liggen kussens. Michel ligt naast me op zijn rug, hij snurkt. Ik kijk naar hem met ingehouden adem, zal ik het doen? Zal ik het stiekem doen? Hij ligt in een vredige diepe slaap. Verschillende emoties wisselen zich af: jaloezie (hij slaapt altijd en overal goed), irritatie (hij pikt het hele bed weer in met zijn mooie grote lijf), liefde (ja wat is hij toch knap en lief als hij slaapt, alweer irritatie (behalve dat gesnurk), schuld (ga ik het zonder hem doen?). Ik doe nog een poging op mijn rug, maar ik staar met grote ogen naar het plafond. Hopeloos! Ik kan nog geen minuut blijven liggen en sta op. Ik tippel over alle spullen op de vloer heen, kledingstukken, speelgoed, schoenen, een verdwaald kussen. Ik werp een blik op mijn andere man, die naast ons ligt in het andere bed. Ook hij is nog in diepe slaap, dat hoor ik. Maar ik kan hem bijna niet vinden, toch zie ik zijn kruintje tussen al het witte beddengoed en de vele kussens en knuffels. Ik bereik slalommend het badkamertje en pak de benodigdheden. Ik heb een wit kannetje meegenomen die ik onder me hou terwijl ik op de wc ga zitten. Ik vang mijn plas op en haal het kannetje weg. Pfieuww gelukkig toch nog wat op kunnen sparen, ondanks dat ik zo vroeg wakker ben. Ik worstel met de verpakking en het cellofaan. Waarom zitten die dingen altijd zo goed ingepakt? Waarom zijn mijn handen ‘s ochtends nog niet zo sterk? Het is al 9 maanden, elke maand, weer een ritueel. Ik test liever, dan dat ik wacht op bloed in mijn ondergoed. De teleurstelling van het staafje aflezen is voor mij dragelijker dan de rode onheilspellende vloeistof. Ik hou het staafje in het kannetje, 17, 18, 19, 20. 20 seconden tel ik af en blaas gespannen de lucht uit mijn longen. Ik staar naar het staafje en ik zie hoe het vocht langzaam op kruipt naar het desbetreffende kadertje. Wat is dit toch elke keer weer zenuwslopend. Ongeduldig blijf ik staren, maar er gebeurd niets. Hevig teleurgesteld leg ik het weg en veeg ik mezelf af. Ik sta op en neem het staafje nog een keer in mijn handen. Het licht in het badkamertje is redelijk sterk, maar toch voelt het wazig. Misschien nog de slaap in mijn eigen ogen? Ik druk mijn neus zowat op het staafje. Ik zie wat. Ik zie wat! Ik zie wat.. Ik peins, begin ik gek te worden? Bedriegen mijn ogen mij? Wil ik het dan zo graag? Ik weet dat ik vier dagen te vroeg ben met testen dus het kan, maar mijn rationele kant wint het. Nee dit kan niet, ik zie niets, denk ik resoluut. En toch, ik zie wat, ik zie heel heel heel licht een streepje. Ik hou het staafje ver af, dicht bij, onder het ene licht en onder het andere, kijk er dwars doorheen. Heel voorzichtig ben ik blij, voel ik me opgewonden, maar tegelijk ben ik ook bang en onzeker. Dit kán niet. En toch weet ik het: ik ben zwanger… 

Dit was het begin van hoop, ongeloof en magie. Ik maakte Michel wakker en ondanks dat er niets te zien was zagen wij het wel. Als ik nu terug kijk op het staafje is er echt niets te zien, maar wij zagen wel degelijk wat. We dachten dat we gek werden. Dat we onszelf in de maling namen. Maar ergens wisten we ook dat het waar was. We waren in Euro Disney en ik had twee early zwangerschapstesten meegenomen voor het geval dat. Ik wilde namelijk niet in een achtbaan gaan of dingen eten dat niet mogen, als er ook maar een kleine kans was dat ik zwanger was. We spraken af om blij te zijn, maar reeel te blijven. De volgende ochtend deden we weer een test. En nu was het streepje iets meer te zien, maar nog steeds absoluut niet overtuigend. En toch, en toch, wij waren intens gelukkig. Ik besef nu dat het nog een hele andere kant op had kunnen gaan, maar zoals ik eerder al zei: ik blijf geloven in sprookjes. Hoop en verlangen zijn sterkere emoties dan angst en teleurstelling. Onzekerheid stopte ik weg. Ik was eindelijk zwanger! En Michel.. je had zijn gezicht moeten zien!! Eén grote opluchting, blijdschap, ontroering, dankbaarheid, geluk, TROTS… ..een blij ei! Met gepaste terughoudendheid en lichte irritatie, waarom zijn die testen niet duidelijk?! We hielden het stil, ons magische geheimpje op een sprookjesachtige plek, mijn Disney. Om er notabene hier er achter te komen maakte het nog onwerkelijker. We planden, fantaseerde, beraamde plannetjes om het op een leuke manier aan te kondigen. Dit ging goed komen. In achtbanen ging ik niet, maar niemand niet. Met eten en drinken lette ik op, maar niemand die het opviel. We waren er met mijn schoonfamilie. Mijn schoonzus wist dat ik zou gaan testen, maar vroeg verder niet meer naar de uitslag. We genoten in Disney! Ik was blij en sterk en kon niet wachten voor wat er komen ging…

Die woensdag reden we naar huis, we waren ongeduldig, de testen waren op. Nabij Rotterdam belde ik de 24 uurs apotheek: ‘verkopen jullie ook zwangerschapstesten?’ ‘jazeker mevrouw’ ‘oh mooi, dan kom ik er zo één halen want we komen van vakantie en de winkels zijn al dicht en ik moet het weten’. Ik kraamde onzin uit tegen de vrouw aan de telefoon, maar ik was ook zo opgetogen! Michel trapte flink het gaspedaal in en was net zo opgewonden als ik, en hij wilde zekerheid. Het was een uur of 20.00 en met een volle auto zette Michel mij af voor de ingang van de 24 uurs apotheek. Het was uitgestorven dus ik kon zo doorlopen. ‘Goedenavond, een zwangerschapstest graag, ik had gebeld’ ratelde ik weer. De vrouw achter het glas moest lachen ‘Oja, spannend hè, je kon zeker niet wachten?’ Ik weet niet of ze me nou uit lachte of dat ze het wel schattig vond, maar de grinnikende glimlach van de vrouw bezorgde mij wel een beetje schaamte. ‘Ach wat, ze denkt maar wat ze wil, ik wil het weten’. Ze verkocht me de test en ik vloog naar de uitgang en in de auto. In de veronderstelling dat je alleen ‘s ochtends kon testen, bereide ik me voor op nog een onrustige nacht. Toch stond er op de verpakking ‘op ieder gewenst moment’. Weer dat dilemma, gewoon maar doen??? En dus deed ik maar weer een test. Dit keer was het streepje duidelijker dus ik wist het zeker, maar Michel twijfelde nog steeds. Hij tierde ‘waarom zijn die dingen verdomme nooit duidelijk?!’ Ik moest grinniken, want gedeelde smart is halve smart, hij wil het net zo graag als ik. De volgende ochtend (de dag dat ik eigenlijk ongesteld moest worden) haalde hij er eentje van ClearBlue, het heft in eigen handen nemend. En ja hoor op deze digitale stond gewoon duidelijk ‘zwanger’. We waren zo enorm blij en gelukkig!!!! 

Dit kindje is verwekt op witte donderdag (de dag voor goede vrijdag). Ik had die week net de therapie bij de rouwtherapeut afgesloten. Ik had hard aan mezelf gewerkt. Ik voelde me sterk op één dingetje na. Ze vroeg me iets te schilderen en ik maakte een kleurige canvas. Toen ze vroeg waarom ik een regenboog en boom schilderde barstte ik toch weer in tranen uit. ‘Ik wil nog zo graag een kindje, wat als het niet meer zo mag zijn?’ Ik ging stuk van verlangen en angst. 9 maanden waren we nu alweer bezig, er liepen verschillende onderzoeken in het ziekenhuis, we werden er gek van, elke maand niets, terwijl Demian en Alex* zo snel en spontaan waren gekomen. Ik was bijna in staat het op te geven, ware het niet dat ik echt maar één ding op deze aarde het aller aller liefste wilde: een kindje. Het verteerde ons. ‘Laat het los’ zei men. Ja hoe dan?!?! De rouwtherapeut stelde me gerust over mijn gevoelens ‘je hebt het al in je handen gehad en het is je afgenomen, het is dus niet gek dat je die wens niet meer op zij kan zetten…’ En toch wilde ik dat wel meer gaan proberen, want onze kinderwens mocht ons leven niet zo beïnvloeden dat we er aan onder door gingen en ons kapot zou maken. Bijna had ik een katje aangeschaft, bijna me ingeschreven voor een nieuwe studie, ik ging weer plannen, afspreken, andere dingen, leven. Pasen werd een nieuw begin, one way or the other. Loslaten doe je het niet, uiteraard niet, je mist geen kans, maar rustiger werd ik wel. Kijken naar wat ik wél had. Voor de therapeut kocht ik een vaas met lentebollen die nog uit moesten komen (hoopvol) om haar te bedanken, voor mezelf kocht ik een orchidee, die onder andere staat voor vruchtbaarheid. Ook had ik ergens gelezen dat je je sokken aan moest houden tijdens het vrijen. Michel lachte me vierkant uit (helemaal als je ziet welke sokken ik uitkoos, Haha). Ik zei ‘wacht maar, als het lukt hè, wie lacht er dan als laatst?! Dan lijst ik ze in!’ We hadden er gelukkig nog heel veel lol in… 😉

Pasen werd een nieuw begin. De week erna zag ik een regenboog en ik was hoopvol. Daarna dus de magie in Disney die tot leven kwam. Het zijn de kleine dingen die me positief stemde, mijn bijgeloof die me kracht heeft gegeven. Ach ja, je bent op een gegeven moment wanhopig… Als eerste merk ik het altijd aan de spiegel. Als ik naar mezelf erin kijk en mezelf niet herken in mijn spiegelbeeld, nog voordat ik weet of het gelukt is. Het valt op. Alle drie de keren heb ik dat gehad. En ik had een momentje in de lift van het hotel, ik zag mezelf en mijn opgeblazen buik (ik heb PDS) en dacht ‘Jezus, ik lijk wel zwanger!’ En godzijdank, dat bleek ook zo te zijn… het is werkelijk een wonder voor ons. Een orchidee-lentebollen-Pasen-nieuw-begin-hou-je-sokken-aan-regenboog-wonder!!! Een sprookje voor ons….. 

Deze blog gaat nog steeds over Alex* en dat wil ik ook graag zo houden. Vele lotgenoten hebben er steun aan en ik weet hoe moeilijk het voor sommige is dat ik wel weer zwanger ben. Hopelijk kan ik hiermee wel een klein beetje hoop, positiviteit, troost en humor uitdragen, want ik gun het echt alle vrouwen die aan het strijden zijn. En geloof me ook ik ben dat nog steeds, de storm is niet over. Dit kindje is geen vervanging en de angst duizelt me. We zijn er nog lang niet, het leven is zo kwetsbaar. En Alex* zal ik áltijd missen… ..en mijn schrijven is nog steeds voor hem… Sterrenbaby blijft Sterrenbaby!! 

Moederdag 2.0

Van de week werd er een oproep gedaan om te bloggen over Moederdag en de beleving daar van als je moeder van een Sterrenkindje bent. Ietwat verbitterd schreef ik dit en stuurde het op:

“Moederdag is zo’n dag dat eigenlijk helemaal niet zo belangrijk is en een tikkeltje ouderwets. Vooral met kleine kinderen is het met name de vader die er wat aan doet en als je al weer een stuk ouder bent weet je van gekheid niet meer wat je aan je eigen moeder moet geven. Een dag van de verplichte en geplande riedeltjes. Nou wil het bij mij ook nog eens zijn dat mijn man liever bij Feyenoord zit om het eventuele kampioenschap te vieren, dan dat hij mij in het zonnetje zet. Mijn moeder vindt het waarschijnlijk ook niet meer zo interessant want die is op vakantie. Het is mijn vierde Moederdag, de tweede sinds ons Sterrenkindje. En ineens heeft het vorig jaar ook een andere lading gekregen. Was ik voorheen vooral trots dat ik moeder was, nu voelt het vooral verdrietig en half-half. Als ik probeer uit te leggen waarom ik het moeilijk vind, heb ik niet het idee dat ik begrepen wordt, zelfs niet door mijn eigen vent. Want het is toch vooral een dag van verplichte knutselwerkjes en bezoekjes? Vrienden van ons vieren zelfs de verjaardag van hun kind op Moederdag. Het laat nog maar eens zien dat in mijn omgeving er niet veel waarde wordt gehecht aan deze dag. Waarom doe ik dat dan ineens wel? En waarom voel ik me dan verdrietig op deze dag? Het liefste kruip ik zondag in mijn eentje weg in een hoekje, want ook al staat het knutselwerkje van mijn oudste zoon al weer klaar, het gemis van die ander is zo duidelijk voelbaar. En het is het onbegrip van anderen dat me nog triester maakt. Bevestigen ze wat ik zelf ook ergens voel? Want inderdaad, waar maak ik me nou eigenlijk druk over? Het is toch ook een commerciële onzin dag? Ik heb überhaupt een hekel aan ‘ontbijt op bed’ (vieze kruimels tussen de lakens). En toch, toch gaat het treurige gevoel niet weg. Het is Moederdag, MOEDER-dag. Ik ben moeder van twee kinderen. Maar noch papa, noch mijn driejarige en noch mijn engel, zullen ooit begrijpen hoe leeg het nu voelt. Is het het ontbreken van nóg een knutselwerkje? Of het gemis van een paar extra armpjes om me heen? Volgens mij is dat het niet, want die mis ik namelijk al elke dag. Nee, voor mij is het denk ik waar Moederdag voor staat: een stukje waardering en erkenning voor het moederschap. Hoe waardevol en bijzonder zij is. Iets waarvan ik zelf vind dat ik dat nog maar half verdien. Ik heb namelijk het gevoel dat ik helemaal niet zo’n goede moeder ben. Nog steeds te veel in de rouw om er echt 100% voor mijn oudste te zijn en de deuk in mijn moederlijke zelfvertrouwen, omdat ik mijn jongste zoon niet gezond op de wereld heb kunnen zetten. Ben ik het waard om Moederdag te vieren? Kennelijk vindt mijn man het ook niet belangrijk genoeg. Hij voelt en ziet alles anders. Het is dus denk ik het ontbreken van waardering dat echt pijn doet. Iets waar ‘onzichtbare’ moeders ook zo’n last van hebben op deze dag. Nooit zullen onze sterrenkindjes aan ons kunnen laten zien hoe trots ze zijn op hun moeder. En waarom zou Alex* dat ook zijn? Mijn moederliefde was immers niet genoeg om hem te redden. En waarom ik zo’n moeder ben die deze erkenning ‘nodig’ heeft? Tja… dat is weer een heel ander verhaal…”

In de aanloop naar Moederdag komen deze verdrietige en onzekere gevoelens ongewild aanwaaien. Het litteken zichtbaar en boos op alles en iedereen. Maar dan is het vandaag Moederdag en dan ontdooi ik. Net als zijn Engelenverjaardag is de dag zelf minder erg dan wat er aan voor af gaat, het opbouwen van de spanning en emoties. Als de papa van Demian en Alex* met een grote bos bloemen aankomt en lieve dingen zegt: ‘jij bent een hartstikke goede moeder’, als Demian met wel TWEE knutselwerkjes aankomt (van het kdv en gemaakt met mijn schoonmoeder), als ik het pakje van een lotgenoot via de vlindermamaswap mag openmaken, als ik wat lieve berichtjes van anderen krijg en toch mijn eigen moeder nog even kan knuffelen, voel ik de bitterheid verdwijnen. Dankbaarheid komt er voor in de plaats. Dankbaar voor mijn lieve man, die mij wél begrijpt en thuis blijft voor mij, dankbaar voor mijn oudste zoon die ondanks alles trots op me is en dankbaar voor de steun van anderen die het wel zien. Ik bof toch maar… en ik kan alleen maar hopen dat alle vrouwen die zich moeder voelen in hun hart die erkenning ook krijgen van hun omgeving… want onze Engeltjes kunnen het inderdaad niet laten zien, maar elke papa, zus, broer, vriend, vriendin, opa, oma of wie dan ook wel! Laat vrouwen zien hoe waardevol en bijzonder ze zijn en niet alleen op deze dag…

Ps. En wat vind ik later in de tuin? Precies een veertje, laat ie het dan toch zien??? ⭐️

Pasen in April

Vaak hoor ik lotgenoten zeggen dat er een deel van hen is gestorven toen ze hun kindje verloren. Ook ik zeg dat. Mijn hart is een stukje kwijt, een deel van mij is niet meer. De laatste week ben ik me ineens bewust dat dit maar deels waar is. Er is namelijk ook iets geboren toen Alex* stierf. Eigenlijk is er best veel geboren als ik er dieper over na denk. Het is maar hoe je er naar kijkt. Laatst zei ik dat ik mijn ‘oude ik’ zo verschrikkelijk miste, maar later dacht ik ‘nee, dat is niet helemaal waar..’ de nieuwe Martine bevalt mij namelijk veel beter. Het is vechten en knokken, iedere dag weer, maar het nieuwe wat in mij geboren is heeft ontzettend veel meerwaarde. Ik begin van haar te houden.En dat is wat Pasen voor mij in houdt. Een nieuw begin. De dood krijgt niet het laatste woord. Al het nieuwe leven wat ontstaat heeft een betekenis. De kuikentjes, de bloemetjes, de lammetjes en de vlindertjes. En ook al mocht onze Alex* niet leven, zijn liefde zal altijd licht blijven geven. Zo zie ik het. En ik weet dat het makkelijk praten is omdat wij onze andere zonnestraal in ons midden hebben, dat ik een zichtbare en onzichtbare moeder ben, maar ik geloof in een weg omhoog, in verbetering. Misschien is dat iets wat ik door mijn Apostolisch zijn hoog wil houden. Het is namelijk niet iets wat echt ín mijzelf zit, maar ik raak wel elke keer geïnspireerd om niet bij de pakken neer te blijven zitten. Een veerkracht om het mooie te blijven zien. Ik krijg complimenten ‘wat ga je er goed mee om’, maar daar krijg ik hulp bij door mijn geloof en medemens. En ja, ik ben zeker wel trots dat het me ook lukt, dat ik die kracht in mezelf vind. Gelovigen zouden zeggen dat ik die kracht van God krijg, maar een vriendin wees me erop dat ik die kracht misschien wel van Alex* krijg. Hij zorgt ervoor dat ik door wil, dat ik door kan. En ja, ik mis hem vreselijk, zo ongelooflijk veel. Het doet pijn, pijn die niet te beschrijven is. Maar.. de liefde wint! Het leven wint! De dood is niet het einde. Daar zorgen Alex* en ik wel voor (en alle naasten die ons lief hebben). Met zijn sterven is er een nieuwe Martine geboren, hij en anderen hebben me zoveel gegeven en ik heb zoveel ‘gepakt’. Ik zou het zeker inruilen als hij daardoor bij ons kon zijn, maar ik ben reëel. Ik maak er wat van, ik kan niet veranderen wat me gebeurd, maar wel hoe ik er mee om ga. Met vallen en opstaan. En dat is Pasen voor mij: Opstaan, doorgaan, vernieuwen. Nieuwe afspraken met mezelf maken. Wie zal ik zijn? (ook bij tegenslag).

Een mijlpaal, vandaag stond ik voor het eerst na al die tijd met een gelukkig gevoel op. Of het nou door Pasen komt of niet, het is een nieuwe start. Ook heb ik de therapie (voorlopig) stop gezet. Ik kan/wil het alleen. En ik ben er nog niet, absoluut niet. Er zijn donkere dagen, eindeloos verdriet in mijn diepste wezen, gemis en een ontembaar verlangen, maar ik wíl de derde rouwende boom zijn. Laat het licht op mijn wonden schijnen. Vorig jaar had ik geen paastak, dit jaar heb ik er één maar ik kon hem nog niet versieren, volgend jaar hoop ik dat ik weer een stukje verder ben… dat ik het licht steeds meer kan toelaten. Alex* wordt daarbij nóóit vergeten, het krijgt geen plekje, nee, ik weef hem heel bewust in mijn leven, want het zal er zijn als wij er zijn..

Pasen is voor mij moeilijk, ik wil feest vieren, maar het doet pijn. Ik voel verbinding met Maria, die haar kind verloor. (De liederen van the Passion raakte me weer enorm dit jaar). Ik voel de gelijkenis die in het Apostolisch genootschap gemaakt wordt, maar wat ontzettend veel kracht en moeite kost: opstaan, doorgaan, veerkracht, vergeving, niet verbitteren, het mooie blijven zien, levenslust en levenskunst. Ik leer en oefen het daar, maar het is niet makkelijk. Toch geeft het mij troost om zo er mee om te gaan. Om in liefde inhoud te geven aan mijn bestaan én dat van Alex*. Want het stopt niet na de dood. Ik haal er wat uit, opdat het zin heeft. En mijn god, lieverd wat mis ik je! Wat mis ik je bij het eieren schilderen, het eieren zoeken, het paasontbijt. Lieverd, wat mis ik je in alle (‘belangrijke’) dagen en foto’s. Maar vergeet nooit dat je een plek hebt in mijn hart, dat ik je er altijd bij betrek en dat ik weet dat jij het bent die mij kracht geeft om er wat van te maken, ook voor je grote broer. Want ik doe het voor hem, ik ga door voor hem. Zodat hij leert dat je na tegenslag opstaat, want zo heb ik dat geleerd. En daar ben ik voor het eerst enorm dankbaar voor. 

Lieve pap en mam, bedankt voor de vrouw die ik ben geworden en de nieuwe vrouw die ik mág zijn. Lieve Mies, bedankt dat jij daar nieuwe dingen aan hebt toegevoegd. Lieve mensen die om mij geven, bedankt voor alle liefde, liefde die ik weer wil doorgeven. Ik zelf… ik doe het maar gewoon!!!! (Schouderklopje!). En Alex* en Demian die me die duwtjes geven… 

Ps. Zulke mooie liederen:

Het wordt beter – Bløf 

Wer bist do – Twarres

Heb het leven lief – Liesbeth list 

Dat ik je mis – Maaike Ouboter

Kan ik iets voor je doen – de Dijk

Tijd

Begin van de lente, 15 maanden voorbij.. Zo wisselend als het weer is, zo voel ik mij. Dan weer zon, dan weer regen, dan weer wind, dan weer stil. Verleden, heden en toekomst, het is een chaotische brij. Mijn depressie zwelt dan weer aan, zakt dan weer af. Er is veel gaande en ik knok… Ik merk inmiddels ook de patronen van mijn hormonen. Wat dat betreft vind ik een ritme, het ritme van de golven. Ik houd er rekening dat ze me overspoelen. Ik schrik niet meer van een regenbui, maar verschuilen wil ik me dan wel. Voor mezelf, voor de buitenwereld, in afwachting tot het weer beter gaat. Rouwen; het is geen fase, het is geen keus. Het enige dat ik te kiezen heb is hoe ik er mee om ga. Toegeven, vechten of vluchten… ik wissel het lekker een beetje af, hihi. Nooit saai met mij! Zoals het weer hier in Nederland…

Vanmorgen hoorde ik twee liedjes op de radio. ‘Vandaag’ van Bløf:

Hier is de lijst met dingen

Die je nog had willen doen

Hier is de schoenendoos

Met 1 miljoen herinneringen

Aan wat we deden

En wie we zijn geweest

En wie we nu zijn

Dat zit er ook in…

Als je denken wilt aan vroeger

Dat is okee

Maar niet te vaak

Denk liever aan vandaag

Hier is je koffer

Met schone kleren en een pak

Hier is het tasje

Met tandpasta en aftershave

En wat we deden 

En wie we zijn geweest

En wie we nu zijn

Dat zit er ook in…

En als je denken wilt aan vroeger

Dat is okee

Maar niet te vaak

Denk liever aan vandaag.

Denk liever aan vandaag.

Liever aan vandaag

Hey alles is goed

En niemand blijft alleen

Hey het is mooi zo

Hier ging het heen

We zien je nog graag…

Hier is een wekker

Voor als je eens de tijd niet weet

En een kompas 

Voor als je echt een keer naar huis toe wilt

Wat we deden

En wie we zijn geweest

En wie we worden

Dat zal blijken vroeg of laat

Als je denken wilt 

Aan wat had kunnen zijn

Dat is okee

Maar denk liever aan vandaag

Denk liever aan vandaag.

Denk liever aan vandaag.

Denk liever aan vandaag.

En ‘Als er nooit meer een morgen zou zijn’ van Marco Borsato:

Als er nooit meer een morgen zou zijn

En de zon viel in slaap met de maan

Heb je enig idee wat het met je zou doen

Als je nog maar een dag zou bestaan?

Zou je hart zich weer vullen met vuur?

Van de eeuwige schaamte bevrijd

Keek je niet meer benauwd naar de klok aan de muur?

Kwam je los uit de greep van de tijd
Zouden zorgen niet langer je leven bepalen

En had je voor angst geen ontzag?

Als je held of heldin van je eigen verhalen

Al was het dan maar voor een dag

Zou de toekomst niet langer je denken beheersen

En leefde je voor het moment

Met een luisterend oor voor het kind in jezelf

Zou je eindelijk weer zijn wie je bent

We verbannen de dromen naar morgen en later

Maar doet het je stiekem geen pijn?

Dat je dan pas zou doen wat je altijd al wou

Als er nooit meer een morgen zou zijn

We verbannen de dromen naar morgen en later

Maar doet het je stiekem geen pijn?

Dat je dan pas zou doen wat je altijd al wou

Als er nooit meer een morgen zou zijn

En zo bewandel ik mijn dagen, op en af, met hoop en verlangen, met plezier en geluk en met verdriet en pijn. Allemaal even waardig, allemaal even gelijk. Het hoort bij mij, dat begin ik in te zien. De nieuwe Martine, soms weemoedig terug kijkend op de oude, maar zij is er nog maar deels. Het gaat niet goed, het gaat niet slecht, het gaat…

“Vandaag ben ik gaan lopen en waar ik gelopen heb is van nu af aan een weg”

met een kindje in mijn hand, een kindje in mijn hart en een kindje in mijn hoofd…íedere dag weer opnieuw…overleven..nu.

The little Mermaid

Ken je het sprookje de kleine zeemeermin? Dat ben ik. Een jonge vrouw, jongste van een paar zussen, altijd op zoek naar avontuur en zwervend door het leven. Fantaseren over en verlangen naar een andere wereld, niet helemaal gelukkig op haar eigen plek. Het verhaal gaat over een jong meisje, op de rand naar volwassenheid, zoekend naar grenzen. Ze voelt zich niet helemaal thuis en droomt van een ander bestaan. Ze is romantisch, zweverig en wordt uiteindelijk verliefd op iemand die in principe niet bij haar past. Het is niet zozeer het verhaal over de liefde dat me nu nog aanspreekt (vroeger als kind natuurlijk wel). Het is het verhaal van verkennen, uitdagen, trotseren, dromen, transformeren en je eigen weg gaan, dat me aan trekt. Ik ben sterrenbeeld Vissen, ik voel me aangetrokken tot water en de zee. Ik ben gevoelig en zit vaak in mijn eigen wereldje. Prima in mijn (g)uppie. Misschien soms wel té gevoelig, niet altijd even geschikt voor de hardheid van ons menselijk bestaan. Niet helemaal behorend tot het aardse. Als kind fantaseerde ik dan ook vaak over andere plekken. Maar ik had vooral ook de wens om iemand anders te zijn. Ik verbeelde me als klein meisje, terwijl ik ‘s avonds op mijn bed uit het raam naar onze tuin tuurde, dat als ik 16 jaar zou worden en mijn voeten het water zouden raken, ik zou transformeren in een prachtige zeemeermin. Ik zou zwemmen naar veilige en diepere wateren (eigenlijk juist het omgekeerde van Ariël, de verlangde naar het land). Toch zou ik dan haar verhaal beleven en mezelf en de liefde vinden. Dat laatste heb ik inmiddels wél gevonden, maar ik kan het niet helpen om me toch nog steeds anders dan anderen te voelen. Vreemd te zijn. Nooit helemaal ergens bij te horen (of juist óveral bij te horen vanwege een sterke intuïtie, maar nooit helemaal wetende wie ik dan zelf ben). Ik ben zo onzeker, gevoelig en heb een eindeloze verbeelding en geheugen. Nu ben ik bijna 31 jaar en mijn fantasie ben ik toch grotendeels verloren door de pijnlijke werkelijkheid. Ik heb moeite met overleven in de golven die me voor mijn voeten worden gegooid. Vaak voelt het alsof ik verdrink. Wat zou ik toch graag weer dat meisje op mijn slaapkamertje willen zijn. Niet bewust van alle pijn. En toch ook weer niet, want nu ben ik volwassen vrouw, en maak ik mijn eigen keuzes en klim ik steeds weer omhoog. Daarom heb ik vandaag een zeemeermin op mijn been laten tatoeëren, die vanuit de diepte weer omhoog duikt, omdat ik het mooi vind en omdat het kan. Ik bepaal mijn eigen weg (omhoog). Het kind in mij is er nog, en ik hou van haar, maar ze maakt het me soms ook heel erg moeilijk. Onschuldig in een harde wereld, te gevoelig misschien en niet bestand tegen de buitenwereld, nog altijd op zoek naar liefde, bevestiging en goedkeuring. Toch omarm ik haar nu.

Door de vele en intensieve therapie ben ik mezelf nóg beter gaan leren kennen. Ik maak grote stappen vooruit en ben ongelooflijk trots op mezelf. Ik transformeer steeds meer in een vrouw met zelfvertrouwen. Toch zal ik altijd tweeledig zijn, en met deze zeemeermin laat ik dat ook zien. Ik wil mezelf accepteren voor wie ik ben, twee kanten: een meisje en een vrouw, half mens en half mythisch wezen, licht en donker, goed en kwaad, manisch en depri, onzeker en sterk; Vissen. Ik hoef geen afscheid te nemen van het kind, ik zal haar trots bij me dragen, omdat ik van haar leer en heb geleerd en omdat ze ook zo veel mooie dingen brengt. Zulke mooie spiegels voor houdt. Wat maakt het uit als ik praat en zing tegen de zee, zoals ik dat vroeger ook altijd deed? Wat maakt het uit dat ik stemmingswisselingen heb? Wat maakt het uit als ik van Disney hou en de realiteit soms een beetje ontvlucht? Ik heb bewezen dat als het erop aan komt, ik een enorm sterke vrouw en moeder ben, die in de diepste wateren kan zwemmen zonder te verdrinken. Daardoor ontstond ook het idee: ik zag deze vier quotes voorbij komen en dacht impulsief ‘ja, ik wil een zeemeermin!’

“My demons try to drown me, but they didn’t know I could breathe under water”

“She is a mermaid, but approach her with caution. Her mind swims at a dept most would drown in.”

“I am no longer who I was, loss has reshaped me”

“I am the sea, nobody owns me”

Inmiddels ben ik ook wel verzot geworden op quotes. Hoewel de meeste hartstikke cliché zijn, helpen ze mij enorm bij het dragen van mijn pijn. Helpen ze mij om mezelf te worden… en dat is het mooie wat Alex* voor mij gedaan heeft. Noem het puberen en rebelleren, maar ik verlies steeds meer het gewicht van alle zware dingen die onnodig zijn om mee te dragen. Daarin ben ik vooral zelf nog steeds mijn ergste vijand… streng voor mezelf. Denkfouten. Maar ook mijn geschiedenis en omgeving zijn een factor.
“Maybe the journey isn’t so much about becoming anything. Maybe it’s about un-becoming everything that isn’t really you, so you can be who you were meant to be in the first place.”

Dus wie weet.. wie had het gedacht? Ik ben veranderd. Voor mezelf in positieve zin. Dus daarom dit. Daarom nu. Ik schreef dit vanmorgen vooraf:

‘I’m marking this day. I’m marking me. So I won’t forget. Who I am, What I’ve been trough and that I’m still swimming, I am so fucking proud! I need this, it helps me. Working so hard for my inner peace. Becoming by letting go.’ 

Ik ben heel erg trots op mezelf. Ook de winter heb ik weer doorstaan. Ik leer zoveel. Het is af en toe nog steeds een psychische brij, maar ik ben wel zoveel liever voor mezelf. Alles is goed, alles mag er zijn. Ik ben zo, soms ook depressief, maar ik sta nog overeind en ik vecht. Ik accepteer steeds meer dat ik zo veranderlijk ben als water. “Water can carve its way even through stone…and when trapped, water makes a new path…”

Ja, ik hou mijn twijfels over dit soort dingen, past het bij mij? En ook nog steeds vooral over de toekomst ‘hoe ziet het eruit als ik 60 ben?’ Maar ik leef nu. Ik bepaal. En het zijn fases, fases die ik wil markeren omdat ik er kracht uit put. Uit deze zeemeermin put ik nu kracht. Ariël kon niet meer spreken, ik ben ook beter in schrijven, maar ik laat mn stem inmiddels wel horen. En net als Ariël, ga ik voor mijn dromen! Vrij en wild zijn en een tikkeltje rebels zijn. Want dat is de andere kant. Niet alle verhalen over zeemeerminnen zijn even onschuldig. Sommige gaan over verleiden, manipuleren en beheksen. En pas op, ook dat kan ik zijn; een kleine feeks. Een sirene.

Om het compleet te maken heb ik mijn hartje met sterretje laten bijwerken en iets voor Michel, de man van mijn dromen, gezet. De man die mij zoveel heeft geleerd, mij respecteert en accepteert zoals ik ben, die mij met twee benen op de grond houdt. Op mijn linker been de zeemeermin met het sterrenbeeld Vissen symbool. (Ik ben meer links dan rechts, “when nothing goes richt, go left”.) En Michel zijn Sterrenbeeld Maagd symbool staat op mijn rechterbeen. Op één been kun je namelijk niet lopen, mijn steun en toeverlaat, mijn tegenpool, aarde, nuchter en praktisch. En ik ben water.. Samen zullen wij weer voor nieuw leven zorgen. Ook al is dat nog niet nu. Ik heb nú in ieder geval een tatoeage waar ik mega mega blij mee ben! Die ik nooit zou hebben gezet als Alex* er niet was geweest.

Ps. En Demian is helemaal gek van Bubbelguppies en vindt de zeemeermin prachtig ‘heel mooi hoor’ haha (zo moeder, zo zoon)

“Kinderen moeten vrij zijn om hun eigen leven te leiden.” 

“There is peaceful, there is wild, I am both at the same time.”

“She is tossed by the waves, but does not sink”

“In the waves of change we find our direction”

“I must be a mermaid. I have no fear of depths and a great fear of shallow living.”

“Always be yourself! Unless you can be a mermaid, then always be a mermaid.”

“Mermaids believe in magic, play in the waves, know how to weather a storm, sea life’s beauty, dive for their soul, ride the tides of life, now there are treasures in the deep.”